armoede

Armoede wordt vaak met werkeloosheid geassocieerd. Toch hebben zes van de tien kinderen die in armoede leven ouders die werken, stelt de Sociaal Economische Raad (SER). Ook de zoon van de fulltime werkende Janet (32) groeit op in armoede.

Alleenstaande moeder Janet* herkent zich in dit beeld. Ze werkt veertig uur per week en voedt haar zoontje van tien alleen op. Van haar ex krijgt ze geen alimentatie. “Het is sappelen”, zegt ze. “Ik verdien 1700 euro per maand netto, mijn vaste lasten zijn 1000 en ik betaal een fikse schuld af aan de belasting.”

“Mijn zoon stond ingeschreven bij een kinderdagverblijf dat zich niet helemaal aan de regels hield. Omdat ik geen jaaropgaven kreeg, moet ik de kinderopvangtoeslag die is overgemaakt naar de kinderopvang over 5 jaar terugbetalen. Daartoe houden ze via loonbeslag een gedeelte van mijn salaris in plus mijn voorlopige teruggave, het kindgebonden budget en het stukje huurtoeslag dat ik nog krijg. Ik houd nu ongeveer 25 euro per week over om te eten en kleding te kopen.”

Rijst en eieren

“Ik ben heel creatief geworden met rijst en eieren, daarmee kun je altijd wel iets maken, dus we hebben altijd wel wat te eten. Kleding krijg ik. Ik heb het geluk dat mijn moeder mijn zoontje opvangt na school, dus ik heb geen opvangkosten. Omdat ik lange dagen werk, kan ik niet naar de markt of op koopjesjacht.”

“Leuke dingen doen we eigenlijk nooit, alles kost geld. Zelfs een verjaardagsfeestje kan er niet meer af voor mijn zoon. Ik heb gewoon echt geen geld. Ik denk dat ik tot een onzichtbare groep behoor. Bij ons in Den Haag krijgen minima een pas waardoor ze leuke uitjes hebben. Door mijn bruto inkomen val ik tussen de wal en het schip. We komen niet in aanmerking voor de Voedselbank en ook het sporten wordt niet vergoed. Mijn zoontje kan dan ook niet sporten. Via de Stichting Leergeld krijgen we geen computer, ik heb zelf een gaar ding op Marktplaats gekocht dat bijna opstijgt als je ‘m aanzet.”

Het loont niet om te werken

“Ik pleit ervoor dat de overheid veel meer gaat kijken naar het besteedbaar inkomen. Niet alleen naar wat er op het salarisstrookje staat. Wij worden anders vergeten. Ik kan me daar heel druk om maken. Ik ben dol op mijn baan en zal altijd blijven werken, maar ik kan me voorstellen dat mensen zeggen dat het niet loont om te werken. Zodra je stopt, kom je wel in aanmerking voor alle potjes. Dat kan toch nooit de bedoeling zijn?”

*Janet wilde niet met haar achternaam in het artikel, niet omdat ze zich schaamt voor haar situatie, maar omdat ze heeft gemerkt dat er een stigma zit op ‘arm zijn met een baan’.

Reacties

Reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.