Hillary Clinton

Dat is per individu verschillend. Op het moment dat een ander jou iets aandoet, of je rechtstreeks bedreigt, kun je zeggen dat diegene jouw ‘vijand‘ is. Dan nog kunnen er ‘omstandigheden‘ zijn die maken dat een ‘kat in het nauw‘ zich gedwongen ziet ‘rare sprongen‘ te maken, waar jij min of meer bij toeval de dupe van wordt. ‘Shit happens‘. In dat laatste geval kan escalatie vermeden worden door even op de handen te blijven zitten, en een ‘goed gesprek‘ te voeren.

Het kan echter ook zo zijn dat die ander jou iets aandoet, omdat hij of zij meent daar de mensheid een dienst mee te bewijzen. Of in opdracht van iemand met voldoende autoriteit. De afgelopen decennia zijn er tal van experimenten geweest die ‘data‘ opleverden waarmee inzicht werd verkregen in de bereidheid van mensen om, in opdracht van enige autoriteit, anderen iets aan te doen. Daaruit bleek dat die bereidheid angstaanjagend groot was.

Meer dan het idee dat men er ‘goed‘ aan deed om mee te werken aan iets dat ‘geautoriseerd‘ is hebben de meeste mensen niet nodig. Ik verwees eerder al naar het roemruchte ‘Stanford Prison Experiment, waar militairen in de Verenigde Staten destijds grote belangstelling voor hadden. We kunnen het experiment van Stanley Milgram gebruiken. Of het ‘Third Wave experiment van een docent met een groep kinderen, die binnen de kortst mogelijke keren perfecte nazi’s werden.

In bijna alle gevallen waarin landen, of groepen burgers binnen een land, slaags raken, zijn de mensen die aan het front sneuvelen niet de mensen die op enig moment persoonlijk bedreigd werden. Ze geven hun leven, of worden daartoe gedwongen, door een ‘autoriteit‘. Dat kan een fictieve ‘autoriteit‘ zijn, zoals een ‘God‘ die hen machtigt. Uiteraard ‘via‘ mensen die er meer verstand hebben dan hij of zij, en die als regel zelf op veilige afstand blijven. Niet anders dan wanneer die ‘autoriteit‘ zich hult als de spreekbuis van een ‘hoger doel‘. De ‘Nationale Eer‘. Of de verdediging van ‘Mensenrechten‘.

En dan zijn er natuurlijk nog de mensen die zich bedreigd voelen door mensen met een andere cultuur, of van een ander ras. Dat zit in hun ‘genen‘, en dat krijg je er niet zo één, twee, drie uit.

Tot slot zijn er nog de mensen die in anderen hun ‘vijand‘ zien, omdat die er op uit zijn iets van hen af te nemen, waarvan zij zelf vinden dat het hun onvervreemdbare eigendom is. Dat kan iets tastbaars zijn, of status en macht.

Afgezien van ‘vijandschap‘ die het gevolg is van agressie tegen jou persoonlijk, waardoor je je wel moet verdedigen, omdat je anders het leven laat, of ernstig gewond raakt, of mensen in jouw directe omgeving het slachtoffer zullen worden, vergt het een bepaald soort angst dat je wordt aangepraat, of er al tijdens de opvoeding met de paplepel in is gegoten, om mensen als jouw ‘vijand‘ te kunnen zien die je niet eens kent.

Voorbij een zeker ‘beslissingspunt‘ is de-escalatie nauwelijks nog mogelijk, ook al menen beide partijen dat een treffen nog vermeden kan worden, als de ander capituleert voor het tot een handgemeen komt. In die ‘adrenaline‘-fase kan het zelfs gebeuren dat de grootste ‘sukkel‘ in een groep, in het dagelijkse leven een brave kantoorklerk, die bang is voor zijn moeder, ‘door het lint‘ gaat en de eerste klap uitdeelt. Waardoor de rest ook niet meer terug kan.

In het dagelijkse leven wemelt het van de ‘beladen‘ situaties waardoor mensen diametraal tegenover elkaar komen te staan. Neem de situatie waarin het ‘liefje van de baas‘ op de werkvloer (m/v), iedereen tegen elkaar uitspeelt. Ineens ziet ze zich geconfronteerd met ‘lekken‘ die onomstotelijk duidelijk maken dat ze er niet alleen immorele manieren op na houdt om zichzelf omhoog te werken in de organisatie, maar daarbij tevens werkt voor de concurrent. Dat ‘liefje‘ ziet in één klap alles wat ze heeft opgebouwd in gevaar komen. Ze wordt rechtstreeks bedreigd in dat wat ze is gaan bezien als haar onvervreemdbare eigendom. En je kunt er vergif op innemen dat die ‘pislink‘ zal zijn.

Van een afstandje bekeken kun je echter ook concluderen dat ze met haar weinig frisse handelswijze zelf ‘op oorlogspad‘ ging, en anderen benaderde als haar vijand, en het niet onlogisch, zelfs niet onredelijk is, dat die benadeelden op enig moment terugsloegen. Hoe het verder afloopt, hangt mede af van de bereidheid van de ‘baas‘ om lering te trekken uit dat fiasco, en de bakens te verzetten.Of dat hij of zij het verlies pakt, omdat hij zijn ‘liefje‘ niet kan laten vallen. Omdat hij haar ooit in vertrouwen dingen heeft verteld die hem de kop kunnen kosten. Of omdat hij zo’n ‘rat‘ in de organisatie liever aan zijn kant heeft, dan tegenover zich bij de concurrentie.

Als dat het geval is, en hij houdt dat ‘liefje‘ de hand boven het hoofd, levert hij de integere personeelsleden, die door zijn ‘liefje‘ werden benadeeld, uit aan haar. Geen omelet zonder af en toe een eitje te breken, nietwaar……?

Wat dat doet voor de sfeer in het bedrijf, en het toekomstperspectief van de firma, hoef ik u vermoedelijk niet te schetsen. Maar een hecht collectief dat als een team de concurrentieslag aangaat, dat wordt het niet meer. Het ‘liefje‘ behoudt haar formele autoriteit, of klimt misschien zelfs nog wel verder op in de organisatie, maar er wordt op haar geloerd. En als ze om ‘offers‘ vraagt van het personeel, is de kans dat ze op sabotage stuit levensgroot. Concurrenten beseffen dat ze ‘aangeschoten wild‘ is, maar ook een ‘kat in het nauw‘. En vrienden en vijanden tellen hun vingers na als ze haar de hand schudden.

Hillary krijgt het nog zwaar als het haar supporters lukt haar het Witte Huis binnen te sleuren.

Reacties

Reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.