stemmen

Het zomerreces zit erop, vandaag begint de Tweede Kamer weer aan haar werkzaamheden. Het is de start van het laatste politieke seizoen van deze regeerperiode, want op 17 maart zijn er verkiezingen. Het halfjaar dat nog rest zal dan ook ongetwijfeld in het teken staan van die naderende stembusgang.

Dat betekent dat de vier regeringspartijen zullen proberen zich extra te profileren. De afgelopen drie jaar hielden ze de gelederen nog tamelijk gesloten, zeker als er onheil dreigde. Maar in de aanloop naar de verkiezingen zullen ze vaker hun eigen puntjes willen scoren, zonder rekening te houden met hun coalitiepartners.

Volgens de laatste peiling van Maurice de Hond is er nog wel wat werk aan de winkel: VVD, CDA en D66 staan alle drie op verlies vergeleken bij de verkiezingen in 2017. Alleen de ChristenUnie zou er een zeteltje bij krijgen.

Aanvankelijk profiteerde het regerende kwartet nog van de coronacrisis. De vier partijen, en met name de VVD, deden het goed in de polls omdat de bevolking in moeilijke tijden de neiging heeft zich rond de leiding te scharen. Het zogeheten rally-round-the-flag-effect. Maar als we De Hond mogen geloven is die prettige tijd voorbij. De coalitie staat weer op een verlies van een zeteltje of 10. Onverkwikkelijke affaires, zoals die rond justitieminister Ferd Grapperhaus, maken het er niet beter op.

De partijen die deel uitmaken van Rutte III zullen de komende maanden dus wat meer voor hun eigen eer en glorie gaan. Maar naar verwachting niet al te veel. Het komt weinig geloofwaardig over om nu te gaan roepen dat het allemaal heel anders had gemoeten, want daarmee tref je vooral jezelf. En het kabinet in het zicht van de haven ten val brengen heeft helemaal weinig zin (ook al is dat eerder vertoond).

Overigens zijn er ook oppositiefracties die niet al te ver kunnen gaan met hun kritiek. Ik heb het dan natuurlijk niet over partijen als de PVV, FvD en SP, die hoogstwaarschijnlijk de komende kabinetsperiode opnieuw buiten de coalitie blijven. Ik heb het over partijen die wél grote kans maken regeringsverantwoordelijkheid te gaan dragen, namelijk PvdA en GroenLinks. Zouden die nu al te zeer te keer gaan tegen Rutte III dan maken ze zich wel erg ongeloofwaardig als ze straks in Rutte IV stappen. Hun kiezers zullen dat niet begrijpen en ‘met de voeten stemmen’.

GroenLinks-leider Jesse Klaver heeft daar geen ervaring mee. Zijn partij heeft nog nooit geregeerd. Maar zijn PvdA-collega Lodewijk Asscher wel. De sociaaldemocraten gaan vermoedelijk een aardige verkiezingsoverwinning boeken omdat ze flink afstand hebben genomen van beleid van Rutte II, waarin Asscher nota bene vicepremier was. Blijkbaar wordt die draai hem door veel kiezers vergeven. Maar nogmaals een reuzendraai maken zou wel eens te veel van het electorale acceptatievermogen kunnen vergen.

Reacties

Reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.