DELEN
subsidie

In een bescheiden aantal gevallen noemen we het beestje bij de naam. Maar in de meeste gevallen zeggen we ‘aftrek‘, ‘uitkering‘ of ‘regeling‘. Of ‘salaris‘. Waarmee ik maar wil aangeven dat er bijna geen Nederlander is die niet direct, of indirect, profiteert. En een favoriete bezigheid is het betwisten van de subsidie die anderen krijgen. Tweehonderdvijfentwintig mannen en vrouwen in Den Haag die we ‘Volksvertegenwoordigers‘ noemen, plus hun niet onaanzienlijke staf, ook allemaal direct of indirect betaald door de gemeenschap, houden er een dik belegde boterham aan over.

Het gekissebis zelf houdt in de kranten, ‘opiniebladen‘, en bij de televisie weer complete volksstammen aan het ‘werk‘. Niet zelden zelf ook direct of indirect lurkend aan het infuus van de ‘subsidie‘. Recente ‘hypes‘ zijn de aangifte van Geert Wilders, die Rutte aanklaagt omdat hij ‘nieuwe Nederlanders‘ voortrekt, vergeleken bij landgenoten die hier al geruime tijd wonen. De ‘regelingen‘ die de Nederlandse fiscus trof met extreem rijke types en multinationals die de belasting in eigen land proberen te ontduiken, en een ‘regeling‘ die de overheid trof met het Koningshuis, waardoor het staatshoofd en zijn directe familie zijn vrijgesteld van bepaalde belastingen.

Elke nieuwe dag verzint er wel weer ergens iemand een reden om zich te beklagen over het geld dat anderen ontvangen, of dat hen ten onrechte wordt afgenomen, of niet eens wordt verstrekt. Wat we in ons land ‘politiek‘ noemen, gaat voor minimaal negentig procent daarover. De echt belangrijke zaken, daar komen onze ‘Volksvertegenwoordigers‘ niet aan toe, of ze weten zich machteloos, omdat zij daar niet over gaan, maar ‘Brussel‘, ‘Frankfurt‘ of ‘Washington‘.

Een eenmaal toegekende ‘aftrek‘, ‘uitkering‘ of ‘regeling‘ gaat daarna een eigen leven leiden. Zo nu en dan staat er iemand op die de hoogte van die ‘subsidie‘ betwist, of men chanteert er een instelling of individuele geprivilegieerde mee, maar het is een zeldzaamheid dat de subsidie in zijn geheel verdwijnt. Zelfs als het daar wel alle schijn van heeft, omdat een politicus krachtdadig over wil komen, en hij of zij in een campagne heeft beloofd deze of gene groep te kortwieken, betekent het in de praktijk bijna altijd dat een andere ‘instantie‘ die subsidie overneemt.

Zo kunnen landelijke politici goede sier maken met een ‘bezuiniging‘, die in de praktijk niet meer is dan een administratieve verplaatsing van de kostenpost die op de begroting stond. Van ‘Den Haag‘ naar de provincie, de gemeente, het waterschap, of de ‘uitkeringsinstantie‘, danwel zogenaamd private ondernemingen, die echter van de subsidie en overheidsopdrachten aan elkaar hangen, en zonder die geldstroom geen enkel bestaansrecht zouden hebben.

De discussie tussen ‘links‘ en ‘rechts‘ wordt vaak afgeschilderd als een fundamenteel verschil over de vraag of we alle heil moeten verwachten van een ‘Grote Overheid‘, of juist een ‘Kleine Overheid‘, die alle vertrouwen stelt in ‘marktwerking‘. Maar dat is al veel langer flauwekul. Beide zijden van het politieke spectrum steunen fanatiek een ‘Grote Overheid‘, maar ze willen de subsidiepot anders verdelen. En zelfs dat is steeds minder het geval, nu zowel ‘links‘ als ‘rechts‘ onderdeel uitmaken van de ‘Warparty‘. De strijd gaat dan eigenlijk alleen nog over ‘accenten‘ binnen het budget, en de kleur van de strik om het cadeautje voor het ‘militair-industrieel-financieel complex‘.

Voorstanders van een ‘Kleine Overheid‘ zijn een gemarginaliseerde, extraparlementaire, en onderling sterk verdeelde groep. Ze valt uiteen in verstokte voorstanders van wat economen de ‘Oostenrijkse-school‘ noemen, die een blind vertrouwen heeft in ‘marktwerking‘, en die na de val van de Sovjet-Unie volop de gelegenheid kreeg om hun gelijk te bewijzen in Rusland en de Oost-Europese landen. Het werd een regelrechte ramp! Economisch, sociaal en bestuurlijk. Daar tegenover de groep waar ik zelf toe behoor, die pleit voor een stevig fundament onder de samenleving, waardoor niemand van honger of gebrek hoeft om te komen, een stevig hek om te voorkomen dat mensen, of bedrijven die niet betalen, maar zuigen, de ruif leegvreten, maar zonder de elementaire gastvrijheid geweld aan te doen, of de handel met andere landen te blokkeren, en een eind aan het ‘gebemoei‘ met andere landen. En zoek het verder zelf maar uit.

Het is niet dat die laatste groep geen sympathisanten heeft, binnen en buiten het ‘establishment‘, maar na het eerste enthousiasme komen onveranderlijk de bezwaren. De vragen over hoe we ‘dit‘ of ‘dat‘ dan op gaan lossen. En als je zegt: ‘Niet‘, dan krabbelt men terug. Geen ‘Safe-Spaces‘? Geen protectie tegen ‘Micro-Aggression‘? Geen wet die regelt hoe we met ‘Zwarte Piet‘ om moeten gaan? En wie vangt er dan mijn kinderen op? Wie helpt die arme sloebers in de Middellandse Zee?!? En geen geld voor ‘CO-2-beleid‘? Toch wel subsidie voor zonnepanelen?!? En we moeten écht meer dingen hebben die ‘BOEM!‘ zeggen, plus een eigen satelliet! Alle ‘experts‘ zijn het daarover eens…….!

In een land met volwassen burgers, die geleerd hebben hun eigen broek op te houden, en problemen in goed overleg op te lossen, uitgaande van een wetgeving die iedereen als ‘gelijke‘ beschouwt voor de wet, wat betekent dat ongelijkheid juist wordt gekoesterd als de brandstof voor ‘Darwinistische‘ evolutie, leidt dat tot voorspoed en geluk, vanwege de impliciete vrijheid, en eigen verantwoordelijkheid. In zo’n land zijn er volop mensen die ‘domme dingen‘ doen, en dan ook het ‘volle pond‘ betalen door de afwezigheid van een ‘vangnet‘. En dat is ‘creatieve destructie‘.

Zo’n samenleving kost nog steeds geld. Afhankelijk van wat we als collectief beschouwen als een ‘stevig fundament‘, misschien wel net zoveel als nu. Maar wat we dan overhouden, is tijd en energie om iets nuttigs te doen met ons leven, inplaats van te steggelen over de toewijzing van subsidies.

Of je genoegen neemt met de bestaanszekerheid die het fundament je gegarandeerd biedt, tot het einde van je leven, en je dat leven wilt wijden aan ‘theater‘, ‘zang en dans‘, of het helpen van je medemens, het schrijven van een boek, of ‘geld verdienen‘, zodat je een ‘kasteel‘ kunt bouwen, of kunt reizen, of ‘duur‘ kunt dineren, of de laatste ‘spelcomputer‘ kunt kopen, is aan jou. Boven het niveau van het fundament zal er nog steeds ‘marktwerking‘ zijn. Het is geen ‘socialistisch paradijs‘. Al helemaal niet voor wie daaronder een samenleving verstaat die is omgetoverd tot één grote ‘Safe-Space‘, vol ‘knuffelende‘, identiek denkende wereldverbeteraars.

Zonder al die ‘regelneven‘ die elke dag naar hun ‘werk‘ gaan, is het ‘fileprobleem‘ in één keer, voor de eeuwigheid, opgelost. En halen we op onze sloffen de ‘CO-2‘-targets. Helaas is er een groot tekort aan volwassenen in ons land, waardoor de kans dat we zo’n soort samenleving realiseren niet zo heel groot is, zoals de vlag er nu bij hangt. Een land waar de centrale overheid op enig moment is weggevaagd, en dat opnieuw moet worden geformeerd, maakt meer kans om die overheid ‘Klein‘ te houden, dan een doorontwikkeld land met ‘gepamperde‘ burgers zoals Nederland. De ironie is, dat ‘hoog opgeleide‘ medelanders, bedreven in het vinden van de wegen naar meer en meer subsidie, de laatsten zijn die de sprong in het diepe zouden willen wagen. In theorie zijn zij het best toegerust om te profiteren van de vrijheid, maar in de praktijk zijn ze niet zelden volkomen hulpeloos zonder toegang tot het geld van de belastingbetaler.

Reacties

Reacties

SDB en nieuwsreporter.com brengt u nationaal en internationaal nieuws

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.