krol

Henk Krol, lijsttrekker van 50Plus, zou dinsdag in Den Haag een wonder presenteren: een methode om de AOW-leeftijd op 65 jaar te houden zonder dat de kosten uit de klauw lopen. De Tilburgse hoogleraar openbare financiën Harry Verbon heeft daarvoor een list bedacht. Als de AOW niet welvaartsvast is dan kan het en dan levert het zelfs extra geld op, zo meent Verbon. Gevolg is wel dat gepensioneerden dan minder geld ontvangen. Andere partijen reageerden verbijsterd op het voorstel.

Ook verrast was Henk Krol zelf. Nadat hij het plan had uitgelegd wezen journalisten hem er op dat in het verkiezingsprogramma van 50Plus juist het tegenovergestelde staat, namelijk dat de AOW-uitkering omhoog gaat. Krol reageerde geërgerd en beet de journalisten toe “het is wel duidelijk aan welke kant jullie staan”.

Donderdag en vrijdag zal 50Plus met nieuwe berekeningen komen.

50Plus verdedigt AOW-plan ‘terug naar 65’ tegen kritiek

50Plus wil de AOW-leeftijd verlagen naar vijfenzestig. Op het plan van is van verschillende kanten commentaar te horen. Zo vindt het CDA-leider Buma dat de plannen “zijn gebaseerd op drijfzand”. Hij concludeert dat AOW-ers de leeftijdsverlaging eigenlijk zelf betalen, omdat de AOW-uitkering niet meestijgt met de welvaart van iedereen in Nederland.

‘AOW-plan 50Plus gebaseerd op drijfzand’

Op het financiële plan van 50Plus om de AOW-leeftijd te verlagen naar 65 is van verschillende kanten kritiek te horen. Het Centraal Planbureau zegt dat het veel meer geld kost dan 50Plus denkt. Maar de kritiek komt ook van partijen die net als 50Plus de AOW-leeftijd willen verlagen.

Zo vindt CDA-leider Buma dat de plannen, die 50Plus vanmiddag bekendmaakte, “zijn gebaseerd op drijfzand”. Hij concludeert dat AOW’ers de leeftijdverlaging eigenlijk zelf betalen, omdat de AOW-uitkering niet meestijgt met de welvaart van iedereen in Nederland. “Ik vind dat volksverlakkerij”, zegt Buma.

De SP wil de AOW-leeftijd ook omlaag, en tegelijk wil de partij dat de uitkering stijgt. “Wij willen de AOW zelfs met 10 procent verhogen”, zegt SP-leider Roemer. “Onbegrijpelijk dat een 50Plus-partij zegt: dat kan wel naar beneden.” De SP is bereid hier miljarden euro’s voor uit te trekken.

PVV-leider Wilders is het met 50Plus eens dat de AOW-leeftijd omlaag moet. Maar het helemaal terugdraaien van de leeftijdverhoging is duur, zegt Wilders, en hij wil de kiezer geen “gouden bergen” beloven. De PVV wil een ruimere AOW betalen met bezuinigingen op “de miljarden die gaan naar asielzoekers, Europa en de Grieken”, zegt Wilders. Hoe dat er financieel uit gaat zien heeft de partij niet laten uitrekenen.

De Tilburgse hoogleraar openbare financiën Verbon heeft voor 50Plus uitgerekend dat een verlaging van de AOW-leeftijd naar 65 jaar geen 12 miljard euro kost, maar 22 miljard euro bespaart. 50Plus laat daarbij het uitgangspunt van het CPB los, dat de AOW welvaartsvast is. Dat is in de praktijk al dertig jaar niet meer zo, zeggen 50Plus en Verbon. In 2017 is de bruto AOW-uitkering 794,59 euro voor gehuwden en 1.153,35 euro voor alleenstaanden.

Het CPB wijst erop dat het loslaten van de koppeling tussen de AOW-uitkering en de welvaart van iedereen betekent dat het inkomen van werkenden dus harder groeit dan dat van ouderen. “En dus gaat het, zeker op de lange termijn, ten koste van de koopkracht van ouderen”, aldus het CPB.

De onderbouwing van 50Plus-leider Krol is wankel, zegt politiek verslaggever Ron Fresen. “Krol noemt zijn plan ‘kiezen tussen twee kwaden’ maar het kan niet anders dan dat na vandaag de twijfel toeslaat bij de partij.”

Volgens Fresen staat dit plan haaks op wat 50Plus altijd heeft gezegd: dat de AOW-uitkering juist omhoog moet, gezien de welvaartsstijging van werkenden. “Als Krol hiermee de campagne in gaat, vliegen de ballen van de anderen hem om de oren.”

Inmiddels heeft 50Plus vanavond in een nieuw persbericht laten weten donderdag en vrijdag met een uitwerking en meer berekeningen te komen. Het is volgens de partij juist wel de bedoeling de AOW welvaartsvast te houden. Hoe de partij dat gaat betalen is nog niet duidelijk. Partijleider Krol zei vandaag nog dat daar nog niet over was nagedacht.

Reacties

Reacties

2 thoughts on “Leugenaar Henk Krol gaat af bij presentatie AOW-plan 50Plus”
  1. Krol heeft gelijk haal de VUT van stal!
    Flexibiliser arbeidsmarkt lost de werkloosheid niet op
    [Onder de titel ‘Haal de vut maar weer van stal’ verschenen in NRC Handelsblad van 12&13 maart 2013]
    Paul de Beer1

    Nu de laatste maanden de werkloosheid steeds sneller stijgt – iedere dag komen er zo’n vijfhonderd werklozen bij – beginnen steeds meer beleidsmakers en politici zich hierover terecht zorgen te maken. Het valt dan ook toe te juichen dat drie economen van naam zich over het probleem van de snel stijgende werkloosheid buigen (Pieter Gautier, Bas van der Klauw en Bas ter Weel in NRC Handelsblad van 7 en 8 maart). Hun bijdrage stelt echter teleur. Zij constateren een probleem – de werkloosheid loopt snel op – en stellen een oplossing voor – maak de arbeidsmarkt flexibeler – waarvan zij zelf constateren dat ze het probleem juist niet oplost: “Het voordeel van een flexibelere arbeidsmarkt is niet dat het [sic] de werkloosheid verlaagt”. Bovendien presenteren zij het aanpassen van de arbeidsmarktinstituties als een langetermijnoplossing. De honderdduizenden die nu werkloos zijn of hun baan (dreigen te) verliezen, hebben zij derhalve weinig anders te bieden dan geduld tot de arbeidsmarkt aantrekt. Niemand weet hoe lang dat kan duren.
    Terwijl zij zelf geen oplossing aandragen om de werkloosheid te bestrijden, wijzen zij suggesties voor tijdelijke arbeidstijverkorting en het opnieuw invoeren van de vut zonder veel omhaal van woorden van de hand. Als argument daarvoor verwijzen economen veelal naar de jaren tachtig, toen deze instrumenten massaal werden ingezet, maar geen resultaat opleverden. Dat arbeidstijdverkorting destijds niet veel nieuwe banen opleverde, kwam echter vooral doordat de contractuele afspraken over een kortere werkweek niet in praktijk werden gebracht; veel werknemers bleven evenveel uren werken. De afspraken over arbeidstijdverkorting stelden de vakbeweging wel in staat akkoord te gaan met loonmatiging, die in belangrijke mate heeft bijgedragen aan de sterke banengroei vanaf het midden van de jaren tachtig. De vervroegde uittreding (vut) was inderdaad geen succes doordat ze al snel van een middel om ouderen plaats te laten maken voor jongeren tot een verworven recht werd om ruim voor de officiële pensioenleeftijd te stoppen met werken.
    Dat beide instrumenten dertig jaar geleden niet werkten, betekent niet dat zij ook nu zullen falen. Als zij nadrukkelijk een tijdelijk karakter hebben, kunnen zij wel degelijk helpen om ontslagen te voorkomen. In een bedrijf waar ontslagen dreigen doordat de afzet stagneert of terugvalt, is het beter om de pijn eerlijk te verdelen over het gehele personeel door een paar uur korter te gaan werken of om oudere medewerkers eerder met pensioen te sturen dan medewerkers die in het midden van hun carrière zitten te ontslaan. Zodra de vraag aantrekt, kunnen de medewerkers weer meer uren gaan werken en wordt van ouderen verwacht dat zij weer langer door werken.
    Twee groepen vragen om bijzondere aandacht: jongeren en ouderen. Een slechte start op de arbeidsmarkt kan lang zijn sporen nalaten in je loopbaan. Het is dus van groot belang dat jongeren die het onderwijs verlaten niet werkloos thuis zitten. Het plan van de ministers van Sociale Zaken en Onderwijs om schoolverlaters van het mbo te stimuleren nog wat langer door te leren, verdient dan ook steun. Daarnaast zou het goed zijn als bedrijven en overheid (tijdelijk) extra stage- en werkervaringsplaatsen creëren om te zorgen dat werkloze jongeren alvast werkervaring kunnen opdoen. Het is nogal wrang dat een wet die bedoeld was om te garanderen dat jongeren tot 27 jaar ofwel studeren ofwel een baan hebben (de wet WIJ) ruim een jaar geleden bij gebrek aan succes is opgeheven.
    De positie van ouderen op de arbeidsmarkt is, anders dan vaak wordt verondersteld, relatief goed. Werknemers werken tot op steeds latere leeftijd door en het risico op werkloosheid is laag; slechts een op de twintig oudere werknemers verliest jaarlijks zijn/haar baan. Als een oudere echter toch werkloos wordt, is de kans om weer aan het werk te komen heel klein. Feitelijk worden oudere werklozen afgeschreven voor de arbeidsmarkt. In dit licht is het wel erg hardvochtig om de duur van de loongerelateerde werkloosheidsuitkering tot een jaar te beperken, zoals het kabinet van plan is. Een 55-jarige werkloze die dertig jaar of meer heeft gewerkt, valt daarmee al na een jaar werkloosheid terug op bijstandsniveau. Veel economen menen dat de kansen van oudere werklozen alleen kunnen worden verbeterd door de ontslagbescherming van ouderen te verminderen. Die zou werkgevers immers afschrikken om ouderen aan te nemen. Dit is een merkwaardige redenering. Er is immers geen belemmering om een oudere werkloze eerst op een tijdelijk contract aan te nemen, en dan geldt voor hem/haar net zo weinig ontslagbescherming als voor andere flexwerkers. Het lijkt dan ook veel meer de negatieve beeldvorming van ouderen te zijn die werkgevers belemmert om oudere werklozen aan te nemen, dan de strikte ontslagbescherming of hoge kosten. Helaas kan de overheid hieraan weinig veranderen. Hopelijk krijgen werkgevers steeds meer positieve ervaringen met oudere werknemers, simpelweg omdat hun personeelsbestand door de vergrijzing ouder wordt en medewerkers later met pensioen gaan. Tot die tijd is voorkómen dat ouderen werkloos worden de beste aanpak: zolang de crisis voortduurt is er dan ook meer reden de ontslagbescherming voor ouderen te verscherpen dan te versoepelen.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.