japan

Japan, waar geen populisten zijn

Dat Japan nog geen politicus zoals Donald Trump heeft voorgebracht, komt volgens Ian Buruma omdat er meer sociale gelijkheid is dan in de Verenigde Staten.

Een golf van rechts-populisme – of bijna-fascisme, zo u wilt – vloeit door Europa, de VS, India en delen van Zuidoost-Azië. Japan vormt daarop een uitzondering. Er is geen Japanse demagoog zoals Geert Wilders, ­Narendra Modi of Donald Trump, die opgekropte rancunes tegen de zogenaamde elites met succes weet uit te buiten.

De voormalige burgemeester van Osaka, Hashimoto Toru, komt nog het dichtst in de buurt. Hij maakte net als Trump eerst naam als tv-persoonlijkheid en kwam later in opspraak toen hij de seksslavernij goedpraatte die het Japanse leger tijdens de oorlog had georganiseerd. In zijn extreem nationalistische standpunten en hetze tegen de liberale media lijkt hij nog het meest op volksmenners in andere landen. Maar hij slaagde er niet in op nationaal niveau door te breken.

Hashimoto geeft nu gratis advies aan premier Shinzo Abe over de manier waarop de nationale veiligheidswetgeving kan worden aangescherpt. Daarin zit misschien een verklaring waarom Japan vooralsnog geen last heeft van rechts-populisme. Abes grootvader was een ­minister tijdens de oorlog, die ondanks de beschuldiging van oorlogsmisdaden in de jaren vijftig premier werd. Zijn vader was minister van Buitenlandse Zaken. Abe is dus bij uitstek een telg uit de elite. Niettemin deelt hij met de populisten een diepe afkeer van academici, journalisten en intellectuelen die doorgaan voor links.

Eigenwaarde hangt minder af van individuele roem of rijkdom dan van een gevestigde rol in de gemeenschap, en van een goed verrichte taak

In de jaren vijftig en zestig was er nog een invloedrijke linkse intellectuele elite die alles deed om Japan te distantiëren van het catastrofale ­militarisme van vroeger. Abe en zijn aanhangers proberen nu die invloed op te heffen. Daarom wil hij de pacifistische grondwet wijzigen. De jongere generatie moet weer trots worden bijgebracht over Japanse oorlogsdaden en de ‘elitaire’ media, met name de krant The Asahi Shimbun, moeten de kop worden ingedrukt. Geen wonder dat Steve Bannon, de voormalige adviseur van Trump, Abe prees als ‘de Trump die Trump voorafging’.

japan

Mislukte militaire coup

Kortom, een Japanse variant van rechts-populisme bestaat in het hart van de regering zelf, aangevoerd door een premier uit de hoogste kringen. Maar die paradox is niet de enige verklaring waarom Japan nog geen Wilders, Marine Le Pen, of Trump heeft voortgebracht. Om de bevolking met succes op te jutten ­tegen immigranten, kosmopolieten en intellectuelen, helpt het als de verschillen tussen arm en rijk, stad en platteland, en niveaus in opleiding aanzienlijk zijn.

Dat was het geval in Japan toen soldaten in de jaren dertig een revolte begonnen tegen internationale bankiers, zakenlieden en politici die in hun ogen de Japanse samenleving hadden verziekt. Die mislukte militaire coup vond vooral aanhang bij soldaten uit arme gezinnen in de provincie. De door het Westen beïnvloede stedelijke elites kregen de schuld van alle ellende. Zij waren de vijand van het gezonde volksgevoel. De publieke opinie was overwegend op de hand van de rebellen.

Japan heeft ongetwijfeld veel gebreken, maar er is nu meer sociale gelijkheid dan in de VS, China, India, of veel landen in Europa. Hoge belastingen maken het lastig om familiefortuinen te behouden. En anders dan in de VS, waar rijke mensen, niet het minst de president zelf, graag met hun weelde te koop lopen, zijn de meest bemiddelde Japanners nogal discreet. Japan is nu veel meer een land van de middenklasse dan de VS.

Buigen met een glimlach

Rancune komt haast altijd voort uit een gevoel van vernedering, een gebrek aan eigenwaarde. In een land waar de waarde van een individu wordt afgemeten aan succes, uitgedrukt in geld of bekendheid, voelt iemand zich snel vernederd door een betrekkelijk gebrek aan succes. In extreme gevallen knallen wanhopige mensen een president of popster neer om maar in het nieuws te komen. Populisten moeten het hebben van het ressentiment van die talloze anonieme mensen die zich verraden voelen door de elites, die hen zouden hebben beroofd van de trots in hun sociale klasse, cultuur, nationale gevoel, of zelfs hun ras.

In Japan zijn hier tot dusver weinig sporen van. Dat kan iets te maken hebben met een cultuur waarin zelfpromotie over het algemeen wordt afgewezen. Natuurlijk heeft ook ­Japan een door de media gestimuleerde sterrencultuur. Maar eigenwaarde hangt minder af van individuele roem of rijkdom dan van een gevestigde rol in de gemeenschap, en van een goed verrichte taak. Een perfect verpakt product in een winkel verschaft de winkelier een gevoel van trots. Sommige banen lijken volstrekt overbodig, zoals de oudere ­heren in uniform die niets anders doen dan klanten met een buiging en een glimlach welkom te heten in een bank. Het zou naïef zijn te veronderstellen dat dergelijk werk enorme voldoening verschaft, maar het geeft mensen wel het idee dat zij een rol spelen en een plaats hebben in de samenleving, hoe nederig ook.

De Japanse economie is een van de meest beschermde en minst geglobaliseerde in de ontwikkelde wereld. Dat Japan niet is meegegaan in het neoliberalisme dat in de jaren van Reagan en Thatcher in veel andere rijke landen heeft postgevat, heeft verschillende oorzaken: gevestigde belangen van de bureaucratie, monopolies van grote bedrijven en politieke corruptie. Maar het hangt ook samen met de bescherming van banen, zonder welke mensen hun waardigheid verliezen. Dat gaat misschien ten koste van efficiëntie en individueel ondernemen. Maar daar wordt minder belang aan gehecht dan aan sociale cohesie.

De Britse economie is door het thatcherisme in veel opzichten effi­ciënter geworden. Maar de aanslag op vakbonden en andere instellingen van de arbeidersklasse heeft de sociale samenhorigheid geen goed gedaan. Te veel mensen hebben hun gevoel van eigenwaarde verloren. Ook de kerk biedt in een geseculariseerde maatschappij geen gemeenschappelijke troost. Mensen zijn op drift geraakt en wijten dat aan die elites die hoger zijn opgeleid en meer privileges genieten, en daardoor beter in staat zijn om zich in een internationale wereld te handhaven.

Dat een groot aantal Amerikanen heeft gekozen voor een narcistische miljardair die opschept over zijn geld, succes en genialiteit, is daarvan een ironisch resultaat. Iets dergelijks zal zich in Japan voorlopig niet voordoen. Wellicht kunnen we iets leren van de redenen waarom.

Project Syndicate

Abonneer u nu op onze gratis elektronische nieuwsbrief SDB-nieuws klik hier om te registreren

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.