DELEN
fakenews

En ineens had het internet een probleem: fake nieuws. Sinds de verrassende uitslag van de Amerikaanse verkiezingen wordt er gediscussieerd over de betrouwbaarheid van de nieuwsvoorziening op internet. Echt bewezen is het niet, maar ook Google-topman Sundar Pichai vermoedde dat nepnieuws invloed heeft gehad op de verkiezingsuitslag.

Zijn redenatie: De verkiezingen waren een nek-aan-nek-race. Een kleine groep kiezers kon de uitslag kan bepalen. En die kunnen in hun mening zijn beïnvloed door nepnieuws.

Ook bondskanselier Angela Merkel benadrukte onlangs nog eens dat de meningsvorming vandaag de dag anders tot stand komt dan in het verleden: het nieuws komt vaker van ongecontroleerde bronnen, terwijl algoritmes afwijkende meningen versterken.

Het treurige voorbeeld hiervan was Pizzagate, nergens op gebaseerde verhalen dat het campagneteam van Clinton een pedofielennetwerk zou onderhouden vanuit een pizzeria in Washington. De apotheose was een verwarde man die met een geweer de pizzeria binnenstormde en enkele schoten loste.

Digital Content Next, een brancheorganisatie van online uitgevers, drong bij de CEO’s van Facebook en Google aan om nepnieuws te bestrijden. Een dezer dagen deed ook EU-voorzitter Jean-Claude Juncker een dergelijke oproep.

Inmiddels heeft Facebook maatregelen aangekondigd: Facebook neemt onafhankelijke factcheckers in de arm. Dubieuze nieuwsberichten worden voortaan voorzien van een waarschuwing. Is een bericht eenmaal aangemerkt als verdacht, dan worden ook geen advertenties meer getoond. Zo moet worden voorkomen dat geld wordt verdiend met nepverhalen.

In een gesprek met The Washington Post gaf de Amerikaan Paul Horner ronduit toe dat hij al jaren leeft van nepnieuws via advertenties. Tijdens de verkiezingscampagne publiceerde hij berichten die door het Trump-kamp gretig werden overgenomen, zoals het verhaal dat een Democratische demonstrant 3500 dollar betaald had gekregen om te protesteren bij een rally van Trump.

Het probleem is natuurlijk al zo oud als het internet zelf: er zijn duizenden websites waar aannames en meningen als feit worden gepresenteerd. Maar moet je dat verbieden? Alternatieve media schreeuwen om het hardst dat de officiële media te veel aan het handje lopen van overheden en hun woordvoerders. Of de belangen van adverteerders willen dienen. Daar staat tegenover dat op de betrouwbaarheid van alternatieve media doorgaans niet erg hoog is.

Google heeft half november harde maatregelen aangekondigd. Sites die doelbewust nepnieuws verspreiden, kunnen geen geld meer verdienen via Google AdSense. Sommige van deze sites verdienen aan dit soort ‘clickbait’ 10.000 dollar per maand.

Duitsland gaat nog een stap verder. Die wil de verspreiding van nepnieuws tegengaan door de introductie van wetgeving. Met boetes die tot maximaal 500.000 euro kunnen oplopen. SPD-voorman Thomas Opperman benadrukt echter dat het niet de bedoeling is om een meningspolitie of waarheidscommissie in het leven te roepen. Maar het wordt een lastige discussie om te bepalen wat echt nepnieuws is.

Het grootste probleem van nepnieuws is eerder de waarde die er aan wordt toegekend door zoekmachines. Als op een bij Google gestelde vraag ‘Vond de Holocaust plaats?’ als eerste resultaat een artikel wordt getoond van een neo Nazi forum met als kop Top 10 reasons why to holocaust didn’t happen is er duidelijk iets mis.

Volgens Business Insider heeft een verandering die Google heeft aangebracht in zijn zoekalgoritme de verspreiding van nepnieuws bevorderd. Google berekent namelijk de kans dat een internetgebruiker ook daadwerkelijk zal klikken op een zoekresultaat. De soort ‘user engagement’ moet volgens kenners anders worden gewogen. In de praktijk zal dat kunnen betekenen dat ‘dubieus nieuws’ in elk geval veel minder hoog in de zoekresultaten terechtkomt.

Google zegt dat het algoritme inmiddels is aangepast, waardoor ‘geloofwaardige content’ hoger komt te staan.

Reacties

Reacties

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.