DELEN
daklozen

Het aantal daklozen in Europa is de afgelopen jaren fors gestegen, blijkt uit een recent rapport van de Europese daklozenorganisatie Feantsa. Finland en Noorwegen vallen in positieve zin op.

Tijdens de crisis is veel bezuinigd op de daklozenzorg. Nu groeit het aantal mensen dat op straat leeft, ook in landen met een van oudsher sterk sociale-zekerheidsstelsel.

“De resultaten zijn alarmerend”, zegt Freek Spinnewijn, directeur van Feantsa. “De afgelopen jaren is in verschillende Europese landen het sociale-zekerheidsstelsel uitgekleed en ziehier het resultaat.”

De stijging doet zich voor in bijna alle Europese landen. Maar Spinnewijn noemt het opvallend dat die stijging ook te zien is in landen met een sterke verzorgingsstaat – Duitsland, Denemarken, Groot-Brittannië. En in Nederland trok deze week het Leger des Heils aan de bel. Dat moet steeds vaker nee verkopen omdat de daklozenopvang vol zit.

Reïntegratie
Volgens Spinnewijn is er een aantal oorzaken voor de stijging. “De economische crisis heeft ervoor gezorgd dat er flink is bezuinigd op de daklozenzorg. Ook zijn de kosten voor huisvesting in heel Europa de laatste jaren gestegen. Voor mensen met schulden is de huur dan nog moeilijker te betalen.”

Spinnewijn vindt dat overheden meer aandacht moeten besteden aan de reïntegratie van daklozen. “Je zou daklozen voorrang kunnen verlenen bij het toewijzen van een woning, zoals ze dat in Finland doen”, aldus Spinnewijn.

Finland valt in het rapport in positieve zin op. In het Scandinavische land daalde het aantal daklozen van 2009 tot 2016 met 18 procent. Bij de traditionele daklozenprogramma’s moeten de betrokkenen eerst hun problemen oplossen en komen ze daarna in aanmerking voor een zelfstandige woonruimte.

Eerst een woning

In Finland draaien ze het om: daklozen eerst een woning. Ze betalen huur en hebben recht op huursubsidie. Afhankelijk van hun inkomen dragen ze bij aan de kosten van de ondersteunende diensten die ze ontvangen, de rest dekt de overheid. Hulp voor deze huurders wordt dichtbij georganiseerd. Deze benadering heet ‘Housing First’ en lijkt haar vruchten af te werpen.

Het initiatief is niet goedkoop, maar wel zeer effectief, zegt Juha Kaakinen, verantwoordelijk voor het programma in Finland. “In het begin moet er meer geïnvesteerd worden, bijvoorbeeld in zorg dicht bij huis, maar op de lange termijn levert het meer op.”

De kracht van Housing First zit volgens Kaakinen in het creëren van een veilige omgeving. “In een eigen huis, waar ze verantwoordelijkheid hebben, kunnen daklozen beter reïntegreren dan in een opvanghuis. De basis is dat iedereen recht heeft op woonruimte, zonder dat je hoeft te bewijzen of je dit ook waard bent”, aldus Kaakinen.

Te weinig woningen
Maar als het zo succesvol is, waarom voeren andere Europese landen, zoals Nederland, het initiatief niet in? Volgens Kaakinen heeft dat te maken met de manier waarop de daklozenhulp is ingericht.

“Housing First draait het herintegratieproces om, en dat vraagt nogal wat aanpassingen binnen het zorgsysteem.” Ook het gebrek aan geschikte woonruimte maakt het voor sommige Europese landen moeilijk om het systeem direct te adopteren.

“Ook in Nederland zijn er te weinig woningen om daklozen voorrang te geven”, zegt Lia van Doorn, als onderzoeker op het gebied van daklozen verbonden aan de Hogeschool Utrecht. Zij is enthousiast over de Finse aanpak. “Je maakt daklozen weer verantwoordelijk voor hun eigen leven.”

Reacties

Reacties

SDB en nieuwsreporter.com brengt u nationaal en internationaal nieuws

Geef een reactie