FVD stelt 100 kamervragen aan Mark Harbers (VVD) over omstreden Marrakesh Immigratiepact

Afgelopen week kwam het VN-migratiepact in het nieuws. Een online petitie werd opgezet om het kabinet te bewegen het akkoord niet te ondertekenen. De grote onduidelijkheid rondom het akkoord en de wijze waarop voorgaande kabinetten zijn omgegaan met migratie leidt tot veel wantrouwen en onrust. Het initiatief heeft ondertussen al ruim 7000 handtekeningen en als u nog niet heeft getekend vraag ik u dit alsnog te doen. De Verenigde Staten en Hongarije hebben laten weten dat ze het akkoord niet tekenen. Denemarken, Oostenrijk en Australië zijn zeer terughoudend. Thierry Baudet legde Mark Harbers (VVD) het vuur aan de schenen met 100 pittige vragen.

Nooit eerder stonden VVD en CDA tegen een muur als vandaag. Natuurlijk niet echt, maar wel spreekwoordelijk. Want hun woorden en handelingen zijn niet in overeenstemming en daardoor maken zij zich uiterst kwetsbaar. Zo stellen zij zich in de media en in hun verkiezingsprogramma uiterst kritisch op tegenover de huidige omvang van de migratiegolven. In schril contrast staat echter het feit dat ruim 230 000 migranten in 2016 naar Nederland kwamen. De kritiek komt dan ook voornamelijk vanuit de PVV en FvD als het gaat om dit onderwerp, maar ook Partij van de Dieren. SP en GroenLinks nemen de twee grote ‘middenpartijen’ onder vuur. Maar een meerderheid van de Kamer liet afgelopen week weten niet te willen spreken over het onderwerp.

Baudet diende deze week 100 vragen in bij de VVD-minister om te weten te komen wat nu precies de aanleiding is van het VN-akkoord Global Compact for Migration. De vragen getuige van zeer goed denkwerk, want de eerste vraag begint meteen met het verifiëren van de gegevens waarover wordt gesproken. Jetten zou dat een ‘interpretatiegesprek noemen’, maar kan dus ook met één vraag. Zo stelt FvD: “Kan de Staatssecretaris bevestigen dat deze link inderdaad de FINAL DRAFT en de meest recente concepttekst van de Global Compact for Migration bevat, waarvan ondertekening door Nederland voorzien is medio december 2018?” Na beantwoording van deze vraag kan de Minister in ieder geval niet meer beweren dat het gesprek over een ander document gaat en moet hij ter zake komen.

Vervolgens stelt FvD vragen over verschillende aspecten van het pact. Neem bijvoorbeeld de te publiceren internationale website voor migranten, zodat men weet hoe men hiernaartoe kan komen. Terecht dus dat Baudet vraagt“Betekent het voornemen van de Staatssecretaris om het Marrakesh Immigratiepact namens Nederland te ondertekenen dat hij het met de gehele tekst van het pact eens is?” Want als de Minister het niet met de tekst eens is, maar toch tekent, dan roept dit vragen op over de uitvoering van zijn ambt. Als hij het wel volledig eens is met de tekst en tekent evenzo.

Verder biedt vraag 11 van een kijkje in de wijze waarop supranationale organisaties zoals de Europese Unie hun kiezers trachten te beïnvloeden met nepnieuws verspreid via verschillende mediakanalen: “Is de Staatssecretaris voorstander van doelstelling 33c om te bevorderen dat media, inclusief online media, een positiever beeld van immigratie dienen te scheppen?” Dit gebeurt nu dus ook al. Bijvoorbeeld via het EU-programma ‘Displaced in the Media‘. De subsidiestromen en programma’s hebben het doel invloed te hebben op de denkbeelden van burgers via de media. Brrrrrr, dat is toch gewoon DDR Merkel-style? Het is absoluut opmerkelijk dat de VN en de EU bepaalde politieke kwesties in de media willen framen. Goed dat FvD hier aandacht voor heeft. De vraag is dan ook wat de VVD vindt van onderstaande EU-programma en hoe zij deze in overeenstemming brengt met haar verkiezingsprogramma?

eu

FVD stelt 100 kamervragen aan Mark Harbers (VVD) over omstreden Marrakesh Immigratiepact

  • Nederland geeft controle over immigratiebeleid uit handen
  • VS en Hongarije tekenen niet. Denemarken, Australië, Oostenrijk zeer terughoudend
  • Media worden verplicht positief beeld over immigratie te schetsen
  • FVD wil niet dat Nederland Marrakesh-pact ondertekent
  • FVD wil Kamerdebat over Marrakesh-pact

De regering Rutte/De Jonge wil begin december het omstreden Marrakesh Immigratiepact (Global Compact for Migration) ondertekenen. Dit pact is een onomkeerbare eerste stap in het volledig uit handen geven van het nationale immigratiebeleid en zal onvermijdelijk nieuwe immigratiestromen op gang brengen.

FVD verzocht vorige week om een kamerdebat over dit omstreden en ingrijpende pact, maar de regeringspartijen en de linkse oppositiepartijen weigeren botweg om hier überhaupt over te praten.

Daarom heeft FVD de eerste dagen van het herfstreces gebruikt om het Marrakesh immigratiepact uitgebreid te bestuderen en heeft FVD zojuist 100 Kamervragen over dit Marrakesh Immigratiepact gesteld aan Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, Mark Harbers (VVD).

Lees hier alle vragen:

Vraag 1
Kan de Staatssecretaris bevestigen dat deze link (https://www.un.org/pga/72/wp-content/uploads/sites/51/2018/07/migration.pdf) inderdaad de FINAL DRAFT en de meest recente concepttekst van de Global Compact for Migration (hierna: “Marrakesh Immigratiepact”) bevat waarvan ondertekening door Nederland voorzien is medio december 2018? Zijn er nog wijzigingen in de tekst aangebracht?

Vraag 2
Kan de Staatssecretaris zo spoedig mogelijk de meest recente versie van het Marrakesh Immigratiepact (inclusief alle bijlagen) aan de Kamer verschaffen?

Vraag 3
Wat is de juridische status van het Marrakesh Immigratiepact? In welke mate is Nederland door het Marrakesh Immigratiepact gebonden?

Vraag 4
Waarom wil de regering het Marrakesh immigratiepact zo graag tekenen? Zeker gezien het feit dat de Verenigde Staten en Hongarije zich al hebben teruggetrokken en dat ook Denemarken, Oostenrijk, Polen en Australië hebben aangegeven waarschijnlijk niet te gaan tekenen?

Vraag 5
Is de Staatssecretaris bekend met de redenen waarom de landen, zoals genoemd in vraag 4, hun bedenkingen hebben bij het Marrakesh Immigratiepact? Zo nee, kan hij dan contact zoeken met zijn buitenlandse ambtsgenoten en hun motivatie terugkoppelen aan de Kamer?

Vraag 6
Betekent het voornemen van de Staatssecretaris om het Marrakesh Immigratiepact namens Nederland te ondertekenen dat hij het met de gehele tekst van het pact eens is? Zo nee, met welke delen niet en waarom is hij dan toch voornemens het pact te tekenen?

Vraag 7
Wat is volgens de Staatssecretaris het voordeel voor Nederland om zich te committeren aan een internationaal immigratiepact en daardoor de eigen autonomie en vrijheid van handelen op het gebied van immigratie in te perken?

Vraag 8
Is het Marrakesh Immigratiepact opzegbaar? Zo ja hoe en met welke opzegtermijn?

Vraag 9
Welke organisaties zijn namens Nederland betrokken of betrokken geweest bij het opstellen van de tekst van het Marrakesh immigratiepact?

Vraag 10
Is het Marrakesh Immigratiepact onderwerp geweest tijdens de formatie van Kabinet Rutte-III? Zijn hier binnen de coalitie en het kabinet anderszins afspraken over gemaakt?

Vraag 11
Is de Staatssecretaris voorstander van doelstelling 33c om te bevorderen dat media, inclusief online media, een positiever beeld van immigratie dienen te scheppen (“Promote independent, objective and quality reporting of media outlets, including internet- based information, including by sensitizing and educating media professionals on migration-related issues and terminology, investing in ethical reporting standards and advertising, and stopping allocation of public funding or material support to media outlets that systematically promote intolerance, xenophobia, racism and other forms of  discrimination towards migrants, in full respect for the freedom of the media”)? Zo ja, waarom?

Vraag 12
Is de Staatssecretaris voorstander van het het ‘gevoeliger maken’ en ‘opleiden’ van journalisten over immigratie-gerelateerde thema’s en terminologie (Marrakesh-33c)? Zo ja, waarom en hoe wil hij hier concreet invulling aan geven?

Vraag 13
Welke immigratie-gerelateerde terminologie zou volgens de Staatssecretaris uit het Nederlands vocabulaire moeten verdwijnen? En welke terminologie zou hij willen toevoegen?

Vraag 14
Is het kabinet voornemens publieke omroepen die kanttekeningen plaatsen bij de gevolgen van de massale immigratie hun subsidie te ontnemen, in lijn met doelstelling 33c van het Marrakesh Immigratiepact?

Vraag 15
Deelt de Staatssecretaris de zorg dat het verder uitbreiden van het gezinsherenigingsbeleid (Marrakesh-21i, Marrakesh-32c) tot nog meer ongecontroleerde migratie zal leiden? Zo nee, waarom niet?

Vraag 16
Hoe beziet de Staatssecretaris de centrale doelstelling om meer veilige, geordende, reguliere migratie te faciliteren (Marrakesh-16, doelstelling 5)? Hoe wil het kabinet hier invulling aan geven?

Vraag 17
Wat is volgens de Staatssecretaris de definitie van reguliere immigratie? En wat is volgens de Staatssecretaris de definitie van irreguliere immigratie?

Vraag 18
Zijn de gevolgen van reguliere immigratie anders dan de gevolgen van irreguliere immigratie voor Nederland? Zo ja, hoe is dit merkbaar? Zijn hier cijfers over? Zo ja, kan de Staatssecretaris deze met de Kamer delen? Indien er geen verschil is tussen de effecten van irreguliere en reguliere migratie, wat is dan de reden om irreguliere migratie tegen te gaan en reguliere migratie te bevorderen? Wat zijn de voordelen hiervan voor Nederland?

Vraag 19
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat het belang van Nederland altijd boven de belangen van immigranten moet worden gesteld? Zo nee, waarom niet?

Vraag 20
Is de Staatssecretaris het eens met de constatering dat het Marrakesh Immigratiepact de ‘rechten’ van migranten boven de belangen van de burgers van ontvangende landen stelt? Zo nee, waarom niet?

Vraag 21
Hoe ziet de Staatssecretaris het niet-bindende karakter (Marrakesh-7) van het Marrakesh Immigratiepact mede in het licht van de Urgenda uitspraak van het Hof Den Haag op 9 oktober 2018?

Vraag 22
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat activistische rechters niet-bindende verdragen tot bindend recht proberen te maken en kunnen maken. Zo nee, waarom niet? Zo ja, waarom is de Staatssecretaris voornemens het Marrakesh Immigratiepact, een dergelijk niet-bindend pact, te tekenen?

Vraag 23
Erkent de Staatssecretaris het gevaar van het ondertekenen van niet-bindende verdragen gelet op deze ontwikkeling, zoals bedoeld in vragen 21 en 22, in ons rechtssysteem? Zo nee, waarom niet?

Vraag 24
Wat is volgens de Staatssecretaris het nut van het maken van niet-bindende of niet-afdwingbare afspraken in algemene zin?

Vraag 25
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat migratie een integraal onderdeel is van de hele menselijke geschiedenis, zoals gesteld in het Marrakesh Immigratiepact in punt 8 (Marrakesh-8)?

Vraag 26
Is de Staatssecretaris van mening dat de migratie uit Europese buurlanden van het pre-oorlogse verleden gelijk te stellen is aan de na-oorlogse migratie uit derde wereldlanden? Zo ja, waarom? Zo nee, is deelt de Staatssecretaris dan de opvatting dat de stelling in het Marrakesh Immigratiepact (Marrakesh-8) misleidend is?

Vraag 27
Deelt de Staatssecretaris de opvatting, zoals gesteld in het Marrakesh Immigratiepact (Marrakesh-8), dat migratie een bron van voorspoed, innovatie en duurzame ontwikkeling is? Zo ja, op welke manier, kan de Staatssecretaris hier concrete voorbeelden van geven? En geldt dit ook voor de effecten van migratie in Nederland? Zo ja, op welke manier?

Vraag 28
Deelt de Staatssecretaris de opvatting, zoals gesteld in het Marrakesh Immigratiepact (Marrakesh-8), dat migratie een voornamelijk positieve invloed heeft op immigratielanden (netto ontvangende landen)? Zo ja, waarom en kan hij deze voordelen voor Nederland kwantificeren? En hoe beschouwt hij alle negatieve effecten van de massale immigratie voor Nederland zoals – maar niet beperkt tot – de afgenomen sociale cohesie, criminaliteit, impact op de zorgkosten, onderwijs, de beschikbare woningvoorraad en de kosten van sociale zekerheid?

Vraag 29
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat de negatieve effecten van migratie totaal onbelicht blijven in het Marrakesh Immigratiepact? Zo nee, in welk punt worden deze negatieve effecten accuraat benoemd volgens de Staatssecretaris?

Vraag 30
Deelt de Staatssecretaris de opvatting, zoals gesteld in het Marrakesh Immigratiepact (Marrakesh-12), dat immigratie een verrijking is voor onze maatschappij? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

Vraag 31
Deelt de Staatssecretaris de opvatting, zoals gesteld in het Marrakesh Immigratiepact, dat alle landen in de wereld landen van herkomst, doorreizen en bestemming zijn (Marrakesh-10)?

Vraag 32
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat Nederland – in de praktijk – toch voornamelijk een bestemmingsland is?

Vraag 33
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat het van groot belang is om accurate, specifieke informatie te hebben over de achtergrond van immigranten en hun gedragingen in Nederland voor het maken van gepast beleid (Marrakesh-17)?

Vraag 34
Hoe beziet de Staatssecretaris het belang van accurate informatieverzameling waartoe opgeroepen wordt in het Marrakesh Immigratiepact in relatie tot de FVD-motie (kst 34775-51), van 2 november 2017, welke opriep tot het bijhouden van alle relevante informatie over immigranten (en waar zijn eigen partij, de VVD, tegen stemde)?

Vraag 35
Wat vindt de Staatssecretaris van het voorgenomen plan om onze nationale dataverzameling over de effecten van immigratie onder toeziend oog te plaatsen van de United Nations Statistical Commission (Marrakesh-17a)? Waartoe dient dit?

Vraag 36
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat Nederland prima zelf in staat is om cijfers te verzamelen over immigranten die naar ons landen komen? Zo nee, waarom niet?

Vraag 37
Is de Staatssecretaris van mening dat Nederland de plicht heeft de politieke, economische, sociale en milieuomstandigheden te verbeteren in landen van herkomst, opdat mensen in hun eigen land blijven (Marrakesh-18)? Zo ja, waarom en hoe gaat het kabinet hier concreet invulling aan geven? Welke kosten zijn hiermee gemoeid?

Vraag 38
Hoe wil het kabinet op Nederlands niveau invulling geven aan het versterken van samenwerking tussen humanitaire en ontwikkelingsactoren, waaronder door het promoten van joint analysis, multi-donor benaderingen en meerjarige financiële ondersteuning (Marrakesh-18f)? Welke kosten zijn hiermee gemoeid?

Vraag 39
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat in punt 18 van het Marrakesh Immigratiepact geïmpliceerd wordt dat mensen hun land van herkomst verlaten wegens klimaatverandering?

Vraag 40
Gelooft de Staatssecretaris daadwerkelijk dat mensen op massale schaal hun land van herkomst verlaten vanwege klimaatverandering? Zo ja, kan hij dit concretiseren en cijfers hieromtrent verschaffen aan de Kamer?

Vraag 41
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat immigranten met name worden aangetrokken tot ons sociale zekerheid klimaat? Zo nee, waarom denkt hij dan dat migranten uit Afrika te voet door minstens tientallen landen reizen en met gevaar voor eigen leven op gammele bootjes de Middellandse Zee oversteken, totdat zij aankomen in een land waar de sociale voorzieningen gunstig zijn voor immigranten?

Vraag 42
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat het verschaffen van informatie over het verkrijgen van uitkeringen aan net-gearriveerde migranten (Marrakesh-19d) een aanzuigende werking heeft op de immigratiestromen naar Nederland? Zo ja, is de Staatssecretaris van plan deze doelstelling dan toch te implementeren en waarom?

Vraag 43
Wat is de opvatting van de Staatssecretaris over het aanbieden van ‘non-discriminatie’ cursussen aan overheidspersoneel (Marrakesh-29g)? Is het kabinet van plan hier concrete invulling aan te geven? Zo ja, wat moeten we ons voorstellen bij dit soort cursussen? Wat gaat de inhoud zijn? Wat denkt de Staatssecretaris hiermee te bewerkstelligen? Welke overheidsfunctionarissen zullen deze cursussen allemaal moeten volgen? En wat zal dit per jaar gaan kosten?

Vraag 44
Kan de Staatssecretaris verklaren hoe het komt dat een land als Nederland, waar immigranten blijkbaar zodanig onderhevig zijn aan ernstige vormen van discriminatie dat er speciale ‘non-discriminatie’ cursussen moeten worden gegeven aan overheidspersoneel, jaarlijks zoveel immigranten (netto 80.000 per jaar) een verblijfsvergunning aanvragen?

Vraag 45
Is de Staatssecretaris van plan fast-track programmes – waarmee aanvragen voor een verblijfsvergunning versneld afgehandeld worden – op te richten voor immigranten ter invulling van arbeidstekorten (Marrakesh-21d)?

Vraag 46
Is de Staatssecretaris voornemens doorlooptijden van visumaanvragen te verkorten ter bevordering van arbeidsmigratie (Marrakesh-21f)?

Vraag 47
Is de Staatssecretaris bekend met de tactiek van immigranten om zich voor te doen als minderjarigen om meer kans te maken op een verblijfsvergunning?

Vraag 48
Hoe beschouwt de Staatssecretaris in het licht van vraag 47 dat het Marrakesh Immigratiepact bepaalt dat iedere immigrant die zegt minderjarig te zijn zo behandeld moet worden, tenzij een ‘multi-disciplinaire, onafhankelijke, kindvriendelijke leeftijdsbepaling’ heeft plaatsgevonden (Marrakesh-28d)? Deelt de Staatssecretaris de zorg dat de tactiek van immigranten om zich als minderjarige voor te doen dan nog vaker gebruikt zal gaan worden? Zo nee, waarom niet?

Vraag 49
Is de Staatssecretaris het eens met de doelstelling in het Marrakesh Immigratiepact dat minderjarigen niet mogen worden uitgezet als is vastgesteld dat dit niet hun belang is (Marrakesh-37g)?

Vraag 50
Deelt de Staatssecretaris dan ook onze zorgen dat dergelijk beleid, zoals bedoeld in vraag 48, ertoe zal leiden dat er nóg meer leeftijdsfraude zal plaatsvinden en dat het Nederlandse uitzettingsbeleid nog verder gefrustreerd zal raken?

Vraag 51
Kan de Staatssecretaris uitleggen in welke gevallen uitzetting van immigranten arbitrair is (Marrakesh-23h)?

Vraag 52
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat de keuze tot uitzetting nooit geschied naar wens van de immigrant maar altijd naar wens van het ontvangende land?

Vraag 53
Deelt de Staatssecretaris dan ook de opvatting dat ontvangende landen altijd zelf moeten gaan over hun criteria op basis waarvan zij immigranten wel en niet toelaten?

Vraag 54
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat de keuze tot toelating of uitzetting van immigranten altijd de belangen moet dienen van Nederland?

Vraag 55
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat collectieve uitzetting van een bepaalde groep functioneel kan zijn? Zo nee, waarom niet? Hoe ziet de Staatssecretaris doelstelling 24a, waarin dit wordt verboden, in dat licht?

Vraag 56
Hoe ziet de Staatssecretaris de rol en verantwoordelijkheid van gesmokkelde immigranten in de keten van mensensmokkel? Betalen zij niet duizenden euro’s per persoon om gesmokkeld te worden en stemmen zij hier dus niet vrijwillig mee in?

Vraag 57
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat daarom niet alleen smokkelaars, maar ook immigranten die gebruik hebben gemaakt van de diensten van een smokkelaar, verantwoordelijk moeten kunnen worden gehouden voor hun daden? Zo nee, waarom niet?

Vraag 58
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat het straffen van vrijwillige deelname aan mensensmokkel een afschrikkende werking kan hebben op de deelname mensensmokkel en dus een verminderende werking kan hebben op de toestroom van immigranten uit de derde wereld? Zo nee, waarom niet?

Vraag 59
In het licht van vragen 56, 57 en 58, hoe ziet de Staatssecretaris de toezegging in het Marrakesh Immigratiepact om immigranten die gebruik hebben gemaakt van diensten van smokkelaars niet verantwoordelijk te houden of strafbaar te stellen (Marrakesh-25)?

Vraag 60
Hoe kijkt de Staatssecretaris aan tegen het automatisch toelaten van ‘slachtoffers van mensenhandel’ (Marrakesh-26h)? Deelt de Staatssecretaris de zorg dat dit een veelgebruikt excuus gaat worden om permanente en onmiddellijke toelating te eisen? Zo nee, waarom niet?

Vraag 61
Kan de Staatssecretaris uitleggen hoe het waarborgen van ‘mensenrechten’, zoals bedoeld in doelstelling 27 van het Marrakesh Immigratiepact, verbandt houdt met grensbewaking (Marrakesh-27)?

Vraag 62
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat het voornaamste doel van grensbewaking de veiligheid en integriteit van de bevolking binnen een grens dient te zijn?

Vraag 63
Zou het volledig sluiten van onze grenzen in strijd zijn met ‘mensenrechten’ van immigranten? Zo ja, waarom?

Vraag 64
Zou het deels sluiten van onze grenzen – waarbij slechts een gefixeerd, beperkt aantal immigranten per jaar wordt toegelaten – in strijd zijn met ‘mensenrechten’ van immigranten?  Zo ja, waarom?

Vraag 65
Zou het deels sluiten van onze grenzen – waarbij slechts door Nederland gewenste groepen worden toegelaten – in strijd zijn met ‘mensenrechten’ van immigranten? Zo ja, waarom?

Vraag 66
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat arbitraire ‘mensenrechten’ van immigranten niet zwaarder mogen wegen dan de belangen van de Nederlandse bevolking?

Vraag 67
Deelt de Staatssecretaris de zorg dat het Marrakesh Immigratiepact (Marrakesh-27b) ertoe zal leiden dat iedere vorm van uitsluiting van immigranten opgevat zal kunnen worden als een vorm van ‘discriminatie’?

Vraag 68
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat het belangrijk is om als Nederland zelf te bepalen wie we hier toelaten en wie niet? Deelt de Staatssecretaris dat het vasthouden aan de doelstellingen van het Marrakesh Immigratiepact Nederland die mogelijkheid wellicht ontneemt? Zo nee, waarom niet?

Vraag 69
Hoe is de lezing van de Staatssecretaris van doelstelling 27f? Is het strafbaar stellen van illegaliteit in zijn ogen een schending van internationaal recht?

Vraag 70
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat het uitzettingsbeleid in Nederland op dit moment niet altijd goed functioneert? Zo nee, waarom niet?

Vraag 71
Wat zijn de meest recente schattingen waarover de Staatssecretaris beschikt ten aanzien van het aantal illegalen in Nederland?

Vraag 72
Is de Staatssecretaris met FVD van mening dat het falende uitzettingsbeleid voor een groot deel te wijten is aan het feit dat afgewezen immigranten vaak niet vrijwillig vertrekken en in de illegaliteit verdwijnen? Zo nee, waarom niet?

Vraag 73
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat het bestrijden van illegaliteit een legitiem doel is?

Vraag 74
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat preventieve detentie bij uitzetting een oplossing kan bieden tegen het probleem van illegaliteit? Zo nee, waarom niet?

Vraag 75
Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat de dreiging van detentie een afschrikwekkend effect kan hebben op immigranten en de massale toestroom van immigranten naar Nederland zal verminderen? Zo nee, waarom niet?

Vraag 76
Hoe wil de Staatssecretaris invulling geven aan doelstelling 13d van het Marrakesh Immigratiepact waarin wordt gesteld dat detentie niet als afschrikmiddel mag worden ingezet en enkel een legitiem doel mag dienen?

Vraag 77
Kan de Staatssecretaris uitleggen waarom het in het belang van Nederland is om te faciliteren dat alle migranten gratis toegang hebben tot asieladvocaten (Marrakesh-29d)?

Vraag 78
Welke Nederlandse ‘basisdiensten’ zijn volgens de Staatssecretaris beschermd door ‘mensenrechten’, zoals bedoeld in doelstelling 31 van het Marrakesh Immigratiepact?

Vraag 79
Deelt de Staatssecretaris de opvatting, zoals gesteld in het Marrakesh Immigratiepact (Marrakesh-31b), dat ook irreguliere immigranten toegang moeten hebben tot ‘basisdiensten’? Zo ja, waarom?

Vraag 80
Wat gaat de Staatssecretaris doen aan gemeenten die het nationale uitzettingsbeleid frustreren met bed-bad-brood regelingen?

Vraag 81
Is de Staatssecretaris voornemens op lokaal niveau ‘service points’ op te richten om de toegankelijkheid tot ‘basisdiensten’ voor immigranten te vereenvoudigen (Marrakesh-31c)?

Vraag 82
Is de Staatssecretaris voornemens een ‘Nationaal Mensenrechten Instituut’ op te richten om klachten van immigranten over toegang tot ‘basisdiensten’ op te nemen (Marrakesh-31d)?

Vraag 83
Is de Staatssecretaris bekend met het WRR rapport De nieuwe verscheidenheid. Toenemende diversiteit naar herkomst in Nederland, waarvan de hoofdconclusie was: hoe diverser een buurt wordt, hoe meer het samenleven onder druk komt te staan?

Vraag 84
Hoe ziet de Staatssecretaris in het licht van het WRR-rapport de doelstelling van het Marrakesh Immigratiepact om de acceptatie van diversiteit te vergroten (Marrakesh-32a, Marrakesh-32i)?

Vraag 85
Is de Staatssecretaris voorstander van het actief promoten door de overheid van een positieve maatschappelijke opvatting over diversiteit, waaronder het organiseren van ‘integratie activiteiten’ voor kinderen ter promotie van diversiteit en inclusiviteit (Marrakesh-32i)? Waarom wel of niet? Hoe gaat het kabinet invulling geven aan deze doelstelling van het Marrakesh Immigratiepact?

Vraag 86
Is de Staatssecretaris voorstander van het actief promoten van multiculturele activiteiten zoals sport, muziek, kunst, culinaire festivals, vrijwilligerswerk en andere sociale evenementen (Marrakesh-32h)? Waarom wel of niet? Hoe gaat hij invulling geven aan deze doelstelling van het Marrakesh Immigratiepact?

Vraag 87
Is de Staatssecretaris voorstander van het promoten van bewustzijnscampagnes om onder de Nederlandse bevolking een positief beeld van immigratie te scheppen (Marrakesh-33f)?

Vraag 88
Is de Staatssecretaris voorstander van het betrekken van immigranten in het opsporen van intolerantie in de context van verkiezingscampagnes (Marrakesh-33g)? Zo ja, waarom en hoe gaat hij hier invulling aan geven?

Vraag 89
Is de Staatssecretaris van mening dat een kritisch standpunt met betrekking tot immigratie een vorm van intolerantie is?

Vraag 90
Is de Staatssecretaris voornemens om speciaal ondersteuningsbeleid te maken voor immigranten in Nederland en ondernemerschap van immigranten te faciliteren en bevorderen, onder andere door het aanbieden van administratieve en juridische ondersteuning aan immigranten (Marrakesh-35e)? Zo ja, waarom en wat wil hij concreet gaan doen?

Vraag 91
Is de Staatssecretaris het met ons eens dat fondsen voor dergelijk ondersteuningsbeleid beter besteed kunnen worden aan generieke belastingverlaging voor alle Nederlanders (inclusief immigranten) en ondernemers? Zo nee, waarom niet?

Vraag 92
Is de Staatssecretaris voorstander van het – vanuit Nederland – faciliteren van politieke participatie van immigranten in de politiek van hun thuisland, bijvoorbeeld door het aanbieden van speciale stemlokalen voor immigranten (Marrakesh-35g)? Zo ja, waarom? Hoe komt dit de Nederlandse maatschappij ten goede?

Vraag 93
Kan de Staatssecretaris een inschatting geven van de hoeveel geld in 2017 werd teruggezonden door immigranten in Nederland naar mensen in hun thuisland? Indien dit niet wordt bijgehouden, waarom niet?

Vraag 94
Worden deze geldverzendingen door immigranten op dit moment op enige wijze belast? Zo ja, op welke wijze?

Vraag 95
Is de Staatssecretaris van mening dat het verdwijnen van geld uit de Nederlandse economie door geldverzendingen van immigranten in het Nederlands belang is?

Vraag 96
Vindt de Staatssecretaris dat immigranten die naar Nederland komen uitkeringen, die zij in hun thuisland hadden, standaard ook moeten krijgen in Nederland (Marrakesh-38)? Zo ja, waarom?

Vraag 97
Ziet de Staatssecretaris de implementatie van het Marrakesh Immigratiepact als een internationale, collectieve plicht, die eventueel met extra financiële en technische ondersteuning aan andere landen gewaarborgd moet worden (Marrakesh-39a)?

Vraag 98
Is het kabinet bereid extra ontwikkelingsgelden te besteden ter bestendiging van het halen van de doelstellingen in het Marrakesh Immigratiepact?

Vraag 99
Indien de Staatssecretaris het met één van de stellingen of plannen van het Marrakesh Immigratiepact oneens is, waarom is hij dan voornemens het pact wel te tekenen?

Vraag 100
Kan de Staatssecretaris deze vragen binnen twee weken beantwoorden gelet op het voornemen van het Kabinet om dit Marrakesh Immigratiepact medio december te ondertekenen? Zo nee, waarom niet?

Abonneer u nu op onze gratis elektronische nieuwsbrief SDB-nieuws klik hier om te registreren

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.