boerka

Denemarken in een staat van officieuze ontreddering

De media’s weergave van Denemarken als een land dat vijandig en onmenselijk voor migranten is, is misleidend- zo niet volledig onwaar.

denemarken
In tegenstelling tot de misleidende berichten: Denemarken dwingt zielige vluchtelingen niet om op een afgelegen eiland te wonen. Alleen buitenlandse criminelen die “veroordeeld zijn voor misdaden en gedeporteerd zullen worden onder de voorwaarden van hun vonnissen” zullen daar worden ondergebracht. En ze zullen zelfs veerbootritten naar het vasteland krijgen, onder het excuus dat dit nodig is vanwege “internationale conventies”. (Beeldbron: Erik Christensen/Wikimedia Commons)
  • De officiële statistische definitie van “nazaten” omvat alleen de eerste generatie na de persoon die naar Denemarken was gemigreerd. Dus de officiële cijfers tonen niet het echte beeld.
  • Als de bevolkingsstatistieken dit patroon blijven volgen, zullen de etnische Denen – wier geboortecijfer veel lager is dan die van niet-westerse immigranten – omstreeks het jaar 2065 in de minderheid zijn. Volgens een rapport uit 2017 van het Deense Bureau voor de Statistiek is heeft slechts de helft van de niet-westerse allochtonen in de leeftijd van 16 tot 64 jaar een dienstverband (53% van de mannen en 45% van de vrouwen).
  • In 2017 was een derde van alle mensen die onder het bijstandsstelsel van sociale zekerheid van Denemarken vielen immigranten, een stijging van 82% in slechts zeven jaar. Deze cijfers tonen aan dat de overheidsuitgaven verbonden aan immigratie op de lange termijn een einde zullen maken aan de verzorgingsstaat.

Een reden voor het onnauwkeurige beeld is dat het wordt gekleurd door de politieke voorkeur van journalisten. Een andere reden is dat betrouwbare officiële Deense statistieken over het immigratieprobleem van het land moeilijk te vinden- en zelfs moeilijker te interpreteren zijn. Een ander probleem is- in het beste geval – een gebrek aan betrouwbaar onderzoek; en in het slechtste geval opzettelijk vervalste gegevens.

De volgende uitsplitsing illustreert dat Denemarken niet minder last heeft van de gevolgen van massamigratie dan andere Europese landen in het algemeen, en met name Scandinavische landen, maar dat de maatschappij juist op ineenstorting staat. Ondanks de vele wetten van Kopenhagen die migratie en immigranten trachten te beheersen, hebben de Denen een grote culturele en politieke verschuiving ervaren in hun van oudsher bekende leven.

Bevolkingsprognoses

In 1960 telde de bevolking van Denemarken 4.580.708 zielen. Tegenwoordig 5.768.712. Deze groei lijkt grotendeels het gevolg van immigratie te zijn.

In 2016 voorspelde het Deense Bureau voor de Statistiek dat het land rond 2060 507.000 “niet-westerse” immigranten zal hebben, en 342.000 “niet-westerse nazaten.”

‘Nakomelingen’ omvatten echter alleen de eerste generatie na de oorspronkelijke immigrant. Dus de officiële cijfers tonen niet het echte beeld.

In 1989 publiceerde een particuliere organisatie, “De Deense Vereniging”, een alternatieve projectie als onderdeel van een speciale editie van het verenigingstijdschrift Danskeren (september 1989, blz. 3, niet beschikbaar op het internet.) Het artikel, anoniem gepubliceerd, onthult de mate van politieke correctheid en zelfcensuur die toen al toegepast werd in Denemarken, en voorspelde dat immigratie relatief statisch zou blijven, ongeacht de voorspelbare falende pogingen om de wetgeving aan te scherpen. Deze voorspelling is tot nu toe bijna correct gebleken.

Het artikel voorspelde ongeveer 1,1 miljoen immigranten rond 2020, hetgeen overeenkomt met de huidige statistieken als die de derde generatie nieuwkomers en het waarschijnlijke aantal niet-geregistreerde buitenlanders meeneemt.

Als de bevolkingsstatistieken dit patroon blijven volgen, zullen de etnische Denen – wier geboortecijfer veel lager is dan die van niet-westerse immigranten – omstreeks het jaar 2065 in de minderheid zijn. Dit is feitelijk zeer waarschijnlijk, aangezien immigranten omschreven als “vluchtelingen” het land blijven binnekomen; en anderen, zoals familie die herenigd wil worden en immigranten die gewoon verschijnen, zelden kunnen worden teruggestuurd naar hun land van herkomst.

Werkgelegenheid en de Bijstand

Volgens een rapport uit 2017 van het Deense Bureau voor de Statistiek is heeft slechts de helft van de niet-westerse allochtonen in de leeftijd van 16 tot 64 jaar een dienstverband (53% van de mannen en 45% van de vrouwen). Uitgesplitst naar herkomstlanden komen echter verschillen tussen migranten aan het licht: degenen die afkomstig zijn uit Irak, Libanon, Somalië en Syrië hebben een bijzonder lage werkgelegenheidsgraad.

De Deense Confederatie voor Werkgevers analyseerde de statistieken van Denemarken en ontdekte dat 41,5% van de niet-westerse allochtonen in 2016 in de bijstand zat, tegenover slechts 17,5% van de etnische Denen. In 2017 was een derde van alle mensen die onder het bijstandsstelsel van sociale zekerheid van Denemarken vielen immigranteneen stijging van 82% in slechts zeven jaar.

Deze cijfers tonen aan dat de overheidsuitgaven verbonden aan immigratie op de lange termijn een einde zullen maken aan de verzorgingsstaat.

Opleiding

Volgens hetzelfde rapport uit 2017 van het Deense Bureau voor de Statistiek voltooide 49% van de mannelijke niet-westerse nazaten en 70% van de vrouwelijke niet-westerse nazaten een opleiding op een inzetbaar gebied, vergeleken met 73% mannelijke etnische Denen en 81% vrouwelijke etnische Denen.

Daarnaast scoorden etnische Deense kinderen hoger op eindexamens dan kinderen van immigranten en hun nakomelingen van de eerste generatie (6,7 voor jongens en 7,4 voor meisjes, vergeleken met 5,3 respectievelijk 5,9 voor niet-westerse nakomelingen van de eerste generatie). Degenen die het laagst scoorden waren nakomelingen van de eerste generatie van Turkse en Libanese immigrantenouders.

Een rapport uit 2018 van het Deense ministerie van Onderwijs ontdekte zelfs een vergelijkbaar verschil onder nakomelingen van migranten van de derde generatie. De studie werd betwist, maar de resultaten zijn feiten. Ze geven aan dat veel van de afstammelingen van niet-westerse allochtonen op lange termijn moeite zullen hebben om te voldoen aan de eisen van een moderne, sterk geïndustrialiseerde, westerse samenleving.

Helaas worden rapporten in Denemarken steeds meer behandeld op deze wijze: als ambtenaren iets publiceren dat de sprookjes van de wereldverbeteraars tegenspreekt, dan komen de journalisten in actie om de overtreder af te schrikken, zodat het politiek correct geherformuleerd wordt.

De economie

Volgens een Deens rapport van februari 2018 van het ministerie van Financiënbedroegen de netto jaarlijkse uitgaven in 2015 van de regering met niet-westerse immigranten 36 miljard Deense kronen – ongeveer €4,5 miljard. Aangezien er ongeveer 5 miljoen etnische Denen zijn, betekent dit dat elke individuele belastingbetaler in feite € 850 per jaar bijdraagt, of € 3.400 voor een gezin van vier.

Dat bedrag heeft echter alleen betrekking op overheidsbegrotingen die rechtstreeks verband houden met immigranten. Het omvat niet de extra indirecte publieke middelen besteed aan wetshandhaving, scholen, administratie van de sociale zekerheid en andere aanverwante zaken die nodig zijn vanwege de aanwezigheid van niet-westerse immigranten.

Op de lange termijn zal het niet mogelijk zijn om deze snelgroeiende uitgaven te financieren.

Misdaad

Volgens het rapport van het Deense Bureau voor de Statistiek was de criminaliteit in 2017 35% hoger onder niet-westerse mannelijke immigranten en 145% hoger onder mannelijke afstammelingen van niet-westerse allochtonen, in vergelijking met de algemene Deense mannelijke bevolking. Hierbij moet opgemerkt moet worden dat de cijfers misleidend zijn, aangezien afstammelingen van de derde generatie van immigranten in deze context ook als Denen worden geteld. Mannelijke afstammelingen van immigranten uit Libanon – van wie velen volgens het rapport staatloze Palestijnen – gevolgd door mannelijke afstammelingen van immigranten uit Somalië, Irak, Pakistan, Marokko en Syrië – scoorden het hoogst m.b.t. de misdaad.

Peilingen

Er zijn peilingen onder immigranten gedaan. Voorbeelden: in 2006 bleken jongvolwassen moslims in Denemarken religieuzer te zijn dan hun ouders; de helft van hen vond zelfs dat de vrijheid van meningsuiting plaats moest maken voor inachtneming van religieuze regels en tradities (gerapporteerd in Jyllands-Posten21/5 2006). Slechts 59% van de moslims vindt dat de grondwet alleen de basis moet zijn voor de Deense wetgeving. Meer dan een derde van de moslims in Denemarken voelde zich meer verbonden met hun land van herkomst dan met Denemarken (Jyllands-Posten 13/5 2006). Vier van de tien jongens van Turkse en Libanese afkomst verwacht dat hun moeder thuis is om voor het gezin en de kinderen te zorgen (Jyllands-Posten 12/11 2008). Ongeveer de helft van de ondervraagde moslims vond dat Israël geen bestaansrecht heeft. Andere peilingen laten hetzelfde deprimerende beeld zien.

Politieke gevolgen

Laat u niet misleiden door het veelbesproken boerka-verbod dat in augustus 2018 in Denemarken van kracht werd. In de eerste plaats is het zelden afgedwongen – slechts 13 boetes in een half jaar. Bovendien zijn degenen die zich willen verzetten tegen het idee van gelijkheid tussen mannen en vrouwen, vrij om naar landen te gaan waar dergelijke kledingvoorschriften worden toegejuicht.

Wantrouw ook de andere mediaverhalen. Zielige vluchtelingen worden niet gedwongen om op een afgelegen eiland te wonen. Alleen buitenlandse criminelen die “veroordeeld zijn voor misdaden en gedeporteerd zullen worden onder de voorwaarden van hun vonnissen” zullen daar worden ondergebracht. En ze zullen zelfs veerbootritten naar het vasteland krijgen, onder het excuus dat dit nodig is vanwege “internationale conventies”.

Vluchtelingen worden niet “beroofd” van hun kostbaarheden aan de grens. Sieraden en goederen die meer dan 10.000 Deense kronen (€ 1.300 USD) waard zijn, moeten bij de autoriteiten worden ingeleverd om te helpen betalen voor degenen die asiel zoeken. Net zoals de Denen geen bijstand krijgen als ze waardevolle spullen hebben waarmee ze voor zichzelf kunnen zorgen. Het handelen van de grenscontroleautoriteiten is onderworpen aan controle door de rechtbanken.

Andere voorbeelden van media-desinformatie over Denemarken zijn er in overvloed.

Het politieke klimaat in Denemarken is zodanig dat zelfs premier Poul Schlüter (van 1982 tot 1993), een conservatief, gedurende een brede discussie over het omkeren van de toen net aangenomen catastrofale immigratiewetgeving uit 1989, werd verhinderd door de particuliere maar zwaar gesubsidieerde organisatie “Deense Vluchtelingenraad” om een vertegenwoordiger van de meest prominente anti-immigratieorganisatie te ontmoeten. [1]

Dankzij de linkse media begrijpen de meeste Denen niet hoe ernstig het land in de problemen is geraakt door de toestroom van niet-westerlingen, van wie de kinderen en kleinkinderen in verontrustende aantallen blijkbaar de Deense cultuur en waarden verwerpen, en die zich lijken te verzetten tegen assimilatie. Het is dan ook zeer onwaarschijnlijk dat een politieke partij die zich tegen immigratie verzet steun van de kiezers zal krijgen om de wetgeving voldoende te beïnvloeden om aan de dringende behoeften van het land te voldoen.

Ole Hasselbalch bekleedt de leerstoel Rechten aan de universiteit van Aarhus, Denemarken.


[1] Voor de duidelijkheid: de huidige auteur die desijds een dienaar van de Kroon met een hoge positie aan de universiteit; het volledige verhaal inclusief verdere documentatie is gepubliceerd in zijn boek Opgøret, 2001, ISBN 87-90014-73-5, p. 57.

Abonneer u nu op onze gratis elektronische nieuwsbrief SDB-nieuws klik hier om te registreren

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.