DELEN
De Vereniging voor Niet-Stemmers

Advocaat Peter Plasman heeft de Vereniging voor Niet-Stemmers nieuw leven ingeblazen. Hij gaat met de Partij voor de Niet-Stemmers meedoen aan de Tweede Kamerverkiezingen. Het verkiezingsprogramma heeft slechts één punt: ‘In het parlement zullen wij nooit stemmen’.

Plasman wil met dit initiatief de grote groep niet-stemmers een stem geven en zwevende kiezers een alternatief. Mocht er iemand worden gekozen dan wacht hem of haar een jaarsalaris van ruim 107.000 euro, inclusief vakantiegeld en een eindejaarsuitkering.

Volgens Plasman zijn er teveel partijen die allemaal teren op plannen en beloften die ze vervolgens niet waarmaken. De Partij voor de Niet-Stemmers gaat haar programma gegarandeerd uitvoeren.

Of de niet-stemmers – actief of passief – alsnog de gang naar het stemhokje gaan maken om zich gehoord te voelen, zal de tijd leren. Van opiniepeilingen moeten we het – zie Trump – in ieder geval niet hebben.

Erfenis

Er zit één zwakheid in: Er is een behoorlijke erfenis, een stapel wetgeving waarin politici zich daar WEL over hebben uitgesproken. Wat overheidsdienaren gebruiken en misbruiken om zich WEL met levens van goedwillenden te bemoeien. Want angst en dwang is nog steeds het centrale principe waarop de maatschappij drijft. Een zwak fundament, maar het is er wel. Om die zwakheid in rook te laten opgaan, zou een partij van niet-stemmers één uitzondering moeten hanteren, namelijk nadrukkelijk vóór stemmen als er gestemd wordt om wetgeving te laten vervallen. En tegelijk nadrukkelijk niet stemmen als er nieuwe wetgeving dreigt te ontstaan, want nieuwe wetgeving moet geen draagvlak gegeven worden.

Op die manier zou deze partij best weleens groot kunnen worden. Als de bevolking inziet dat dingen ook op een andere manier geregeld kan worden dan middels ruzie zoeken en dwingen.

Voor de nuance; het overheidsapparaat is gevuld met ruziezoekers. Immers, wie het initiatief neemt om een ander te dwingen zoekt ruzie. Een ruzie die eenvoudig gevonden kan worden wanneer een dwingeland iemand tegenkomt die “nee” zegt.

Wat er nu gebeurt is dat de club die het initiatief heeft genomen om te dwingen de ander tot lastig (een last) verklaart, een te bestrijden sociale kanker. De werkelijkheid is uiteraard precies andersom.

Overheidsdienaren en staatshoofden kunnen het best volledig geboycot worden. Geen medewerking, gehoorzaamheid of loyaliteit aan geven. Laat ze hun energie maar verspillen met vergeefse pogingen om te dwingen. Misschien dat ze ooit weleens zo moe worden van zichzelf dat ze hun pogingen opgeven en hun leven beteren. Wat betekent dat de mensheid een behoorlijke last (wetgeving en overheidsdienaren die goedwillende mensen daarmee lastigvallen) kwijt is. Liever kwijt dan rijk in dit geval.

Te veel macht

Het moge duidelijk zijn dat een oerwoud van wetgeving wat ons betreft eerst met de botte bijl teruggebracht mag worden tot de elementaire elementen. Zie art. 284, 285b, 365 wetboek van strafrecht. Deze artikelen duiden aan dat niemand mag dwingen om iets te doen, te laten of te dulden. Het non-agressieprincipe (NAP) dus. Wanneer alleen dit over is, dan kan daarna best wel een constructie met vrijwillige afspraken en dito richtlijnen opgetuigd worden. Dus… eerst wetgeving aftuigen, daarna iets gezonds optuigen.

Op dit moment heerst teveel de mentaliteit dat je denken aan een paard moet overlaten. Het staatshoofd als ruiter, politici als paarden en burgers als al dan niet ongelovige honden die al dan niet in de goddelijkheid geloven van degenen die zich boven hen hebben gesteld. Maar… heiligen bestaan niet. Want ieder mens maakt fouten. En ook menselijke goden bestaan niet, hoogstens mensen die het te hoog in hun bol hebben en niet meer geloven in natuurlijke mechanismen.

Reacties

Reacties

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.