DELEN
spanje

MADRID – Terwijl in Barcelona de straten werden ingenomen door mensen eisen dat de separatistische gevangenen vrijgelaten worden, kwamen elders overal mensen op de been om waardige pensioenen en een levensvatbaar pensioenstelsel op langere termijn te vorderen.

De manifestaties voor betere pensioenen werden georganiseerd door de vakbonden CCOO en UGT. Het is niet de eerste keer dat voor betere pensioenen werd gedemonstreerd in Spanje en de vakbonden zijn van plan de campagne voort te zetten tot het doel bereikt is. Al in september vonden de eerste manifestaties plaats, een aanval tegen de regering van Rajoy die de kas met 90% heeft leeggeroofd in nu probeert via techgiganten zoals Google belasting te heffen.

In het centrum van Madrid tussen Plaza Canovas del Castillo en Puerta del Sol kwamen duizenden mensen op de been die van mening zijn dat de huidige pensioenen ‘incompleet en onvoldoende’ zijn. De algemeen secretaris van de UGT, Pepe Alvarez verklaarde tegen journalisten dat men eist dat de hervorming van de pensioenen wordt ingetrokken die tot gevolg zal hebben dat de pensioenen voor toekomstige gepensioneerden lager zullen zijn.

Hij wees erop dat er in Spanje ‘een lastercampagne’ tegen het publieke systeem gaande is en uitte kritiek op de onhoudbaarheid ervan en wees op de noodzaak die er bestaat om een deel van de dekking van het systeem te financieren met plannen voor privépensioenen. De vakbondsleider zei erop de vertrouwen dat de pensioenen herzien worden met meer dan 0,25% ‘op een eerlijke manier’, want de maatschappij eist dat en omdat de laagste pensioenen aan koopkracht moeten winnen.

Er waren op vrijdag, zaterdag en zondag manifestaties in Gijón, Santander, Valladolid, León en Ponferrada, Toledo, Albacete, Guadalajara, Cuenca, Valencia, Alicante, Castellón, Elche, Badajoz, Galicia, Palma de Mallorca, Barcelona, Zaragoza, Ciudad Real, Sevilla, MálagaAlmeria en Ceuta.

Lees ook: https://www.stopdebankiers.com/grote-demonstraties-spanje-rajoy-en-plundering-pensioenen/

Wat ontvangt een gemiddelde gepensioneerde in Spanje?

In Spanje zijn 8,7 miljoen gepensioneerden die gezamenlijk 9,5 miljoen pensioenen incasseren waarvan het gemiddelde bedrag 932,30 euro per maand is. Dit cijfer is gebaseerd op de meest recente gegevens van de maand februari over pensioenen van de Seguridad Social, de Spaanse sociale zekerheid. Het totale bedrag dat de Seguridad Social betaalde aan pensioenen was bijna 9 miljard euro. De meerderheid hiervan (5,9 miljoen) gaat naar pensioenen, 1,5 miljoen gaat naar weduwschapsuitkeringen, 948 miljoen gaat naar permanente invaliditeit en 338 miljoen naar wezen.

Van alle pensioenen worden er 2,4 miljard beschouwd als minimale pensioenen. Het bedrag dat men dan ontvangt hangt af van de leeftijd van de gepensioneerde en of hij of zij familieleden heeft waarvoor gezorgd moet worden. Het minimumpensioen bedraagt 565,3 euro per maand voor een gepensioneerde met echtgeno(o)t(e).

Om in Spanje voor een pensioen in aanmerking te komen moet iemand minimaal 15 jaar premies aan de Seguridad Social betaald hebben en de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt. Tussen 2013 en 2027 wordt deze op progressieve wijze verhoogd van 65 naar 67 jaar. Sinds 2013 wordt ook geleidelijk aan de periode verlengd van 15 tot 25 jaar dat iemand premies moet hebben afgedragen aan het systeem.

Demonstraties in ruim 70 Spaanse steden

Er is namelijk dringend behoefte aan betere salarissen, hogere pensioenen, betere banen en meer gelijkheid voor mannen en vrouwen op de Spaanse  arbeidsmarkt. In ruim 70 Spaanse steden komen hierom op dinsdag mensen op de been. Volgens de grootste Spaanse vakbonden CCOO en UGT is het belangrijkste streven een gemiddelde salarisverhoging van 3%, gelijkheid voor man en vrouw en betere pensioenen. Hiertoe hebben ze de manifestaties de titel ‘Tiempo de ganar’ gegeven: Tijd om te verdienen’.

Wat salarisverhoging betreft willen de vakbonden een minimumsalaris van 1.000 euro bruto. De gewenste salarisverhoging van 3% moet de voorspelde inflatie voor 2018 van 1,6% dekken én bijna 1,5% aan verloren koopkracht tijdens de crisisjaren compenseren. Ook zou het economisch herstel waarvan sprake is via een salarisverhoging terecht moeten komen bij de Spaanse ambtenaren. Hiervoor zou dringend een belastinghervorming nodig zijn.

Ter gelegenheid van de Dag van de Arbeid stonden alle kranten vol met artikelen over hoe het dan werkelijk is gesteld met betrekking tot dit onderwerp in het land. Zo valt de precaire situatie van Spaanse zelfstandigen (autónomos) op. Als zij met pensioen gaan ontvangen ze gemiddeld 27% minder aan pensioen dan andere gepensioneerden in Spanje. Daarbij krijgen Spaanse gepensioneerde autónomos het minste pensioen van heel Europa. Het voorstel van een aantal politieke partijen om dit recht te trekken is om de sociale premies die zelfstandigen in Spanje maandelijks betalen te koppelen aan hun verdiensten. Wie weinig verdient, betaalt een lager maandbedrag aan de Seguridad Social dan wie veel omzet draait, dit is belachelijk omdat men in Spanje bijna geen vaste banen meer bestaan en iederren gedwongen wordt om autonomo (vergelijkbaar met een ZZPer) te worden ook al is men een ober of serveerster daar onderbetaald krijgt (gemiddeld 4 euro per uur) en verplicht is om te verzekeren kosten 345 euro per maand.

Vele arbeiders zijn door dit systeem in de armoede terrecht gekomen en kunnen ondanks de vele uren die zij maken niet rond komen, daar komt nog bij dat de hoge werklooshied van gemiddeld 27% niet in het voordeel werkt van de werknemer en uitbuiting dagelijks voorkomt.

Volgens een artikel in de krant Publico blijft het grootste deel van het economisch herstel hangen bij bedrijven en de belastingen en komt niet terecht bij werknemers in de vorm van het salaris. De totale loonsom lag 10 miljard euro onder het niveau van voor de crisis terwijl de zakelijke winsten en de belastinginning alle records van die tijd verpulveren.

El Independiente schrijft over de zorgelijke ontwikkeling dat Spanjaarden zich met lagere salarissen dan voor de crisis weer in de schulden beginnen te steken. Terwijl de overheidsfinanciën verbeteren verslechteren die van de burgers. In februari 2018 groeide de schuld van Spaanse huishoudens met 0,2% ten opzichte van januari tot 704 miljard euro totaal. Een deel van de toenemende consumptie van huishoudens wordt gefinancierd. Een risico hiervan is dat als de rentepercentages stijgen de consumenten dat minder goed kunnen opvangen.

De grote pensioenroof: ook in Spanje

Eind 2013 legde de rechtse regering van Rajoy het kader vast van de grootste pensioenhervorming in de geschiedenis van de Spaanse publieke pensioenen. Het bekende riedeltje van de torenhoge kosten van de vergrijzing en de gevolgen daarvan voor de sociale zekerheid waren ook in Spanje de aangehaalde redenen voor de hervorming.

De eerste wijzigingen in het systeem waren de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd en het aantal jaren dat in aanmerking wordt genomen om de pensioenen te berekenen. Deze leeftijd neemt geleidelijk toe tot 2022, dan zal iedereen pas op 67-jarige leeftijd met pensioen kunnen gaan en worden de laatste 25 jaar van de loopbaan gewogen om de wettelijke basis van het pensioen vast te leggen.

Voor 1985 Hervorming ‘85 Hervorming ‘97 Hervorming 2013
Jaren van de loopbaan die meewegen voor berekening pensioen Laatste 2 jaar Laatste 8 jaar Laatste 15 jaar Laatste 25 jaar
Pensioengerechtigde leeftijd 65 jaar 65 jaar 65 jaar 65 jaar
Aantal jaren dat je moet bijdragen om tot 100% pensioen te komen 10 jaar 15 jaar 35 jaar 37 jaar

 

What’s in a name?: de houdbaarheidsfactor (factor de sostenibilidad)

De vorige wijzigingen waren maar het topje van de ijsberg. Ook voor de jaarlijkse herwaardering van de pensioenen had Rajoy iets anders in petto, deze herwaardering zou nu aangepast worden aan de toestand van de economie en het budget van de publieke pensioenen zelf. Dit doet bij vele lezers waarschijnlijk een belletje rinkelen, want de overeenkomst met het pensioen met punten dat onze regering wil invoeren is duidelijk.

Praktisch houdt dit in dat indien er tekorten zijn in het systeem de pensioenen elk jaar slechts 0,25% stijgen. Elk jaar opnieuw dus verliezen gepensioneerden geld indien het systeem niet verbetert. In 2017 en 2018 is dit reeds het geval en dat was dan ook de reden waarom de gepensioneerden op straat kwamen met de slogan “No a la ley del miseria. No al 0,25%” (nee tegen de miseriewet, nee tegen de 0,25%)

Wie dacht dat dat wel voldoende afbraakpolitiek is op enkele jaren tijd, is eraan voor de moeite. Vanaf 2019 zou ook de FEI (factor de equidad intergeneracional, vrij vertaald intergenerationele vermogensfactor) ingevoerd worden. Momenteel wordt het pensioen berekend op basis van het loon van de laatste 25 loopbaanjaar, op basis van het aantal jaren dat je bijgedragen hebt en op basis van de pensioengerechtigde leeftijd (zie kader hierboven). Vanaf 2019 wordt de levensverwachting toegevoegd aan de berekening (en de herwaardering) van de pensioenen en deze wordt om de vijf jaar herberekend. Ook dat zal de meeste welk bekend in de oren klinken. Deze twee recente hervormingen tezamen maken de zogenaamde houdbaarheidsfactor. Voor de gepensioneerden zelf is dit echter verre van houdbaar en zeker niet leefbaar.

De kleren van haar kinderen

Er schuilen veel cijfers, formules en moeilijke bewoordingen achter deze hervormingen, maar wat houden deze nu in de praktijk in? Stel, je hebt in 2018 een maandelijks pensioen van 1.000 euro (en dat is ver beneden de Europese armoedegrens). Na de berekening van de duurzaamheidsfactor heb je in 2019 nog maar 992,8 euro. Als we de huidige trend volgen (en dat is quasi zeker) blijft er in 2030 nog maar 920,8 euro over en in 2045 nog 843,8 euro. Kortom, we moeten langer werken en ieder jaar zullen de pensioenen een beetje worden verminderd in verhouding tot de toename van de levensverwachting. In een land waar 60% van de gepensioneerden minder dan 800 euro pensioen heeft, is dit niets minder een dan een regelrechte ramp.

Pilar Estatis, een 71-jarige gepensioneerde, heeft haar hele leven gewerkt en legt uit dat haar pensioen 33 eurocent zal stijgen in 2018. “Ik heb zeven kinderen en 14 kleinkinderen en ontvang nu een pensioen van 343 euro.” “De pensioenen zijn al zo laag en nu worden we nog meer gepluimd. Ik draag de oude kleren van mijn kinderen”, voegt ze eraan toe.

José Gil Romero, uit Sevilla, gaat hierop verder. “Ik heb al driemaal een hypotheek moeten nemen op mijn huis, om mijn kinderen die nu werkloos zijn, te kunnen helpen. En ik ben verre van een alleenstaand geval. Er is nochtans een oplossing en er is geld om de pensioenen te verhogen, Spanje geeft slechts 10% van zijn bbp uit aan pensioenen, in andere landen is dat nu al meer.”

Reacties

Reacties

SDB en nieuwsreporter.com brengt u nationaal en internationaal nieuws

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.