DELEN
CETA

De Canadese advocaat Rocco Galati gaat namens een aantal cliënten de rechtsgeldigheid van het CETA-verdrag aanvechten. Hoewel nationale parlementen het verdrag nog moeten goedkeuren is de uitspraak van het Canadese constitutionele Hof van groot belang. De EU en Canada willen CETA namelijk al “voorlopig” invoeren, en voorlopig betekent voor politici definitief.
Een artikel over een sterk staaltje kiezersbedrog.

De Walen zijn niet de enigen die weerstand boden tegen het CETA-verdrag (de Canada-EU Comprehensive and Economic Trade Agreement), want in Canada dreigt er een rechtszaak aangespannen te worden tégen CETA, bij het Federal Court of Canada.

Op 21 oktober jl. heeft de in Canada bekende jurist Rocco Galati [1] een zogenaamde “statement of claim” tegen CETA ingediend namens een drietal eisers, te weten Paul Hellyer (voormalig minister van Nationale Defensie), Ann Emmett en George Cromwell (beiden leden van het Committee on Monetary and Economic Reform).

Op een persconferentie van 25 oktober jl. heeft Galati de zakelijke sector “the new royalty” genoemd en hij verklaarde dat het verdrag niets anders doet dan het land terugwerpen in de tijd van de voorrechten van de koningen, alleen zijn die koningen vervangen door multiationals.

Galati’s verklaring beargumenteert dat CETA om verschillende redenen ongrondwettelijk is, inclusief het feit dat het nooit ter goedkeuring is voorgelegd aan het Canadese parlement, terwijl “het verdrag de rechten van buitenlandse investeerders méér waarde geeft dan die van de Canadese burgers en zelfs de Canadese grondwet.”

Critici [2] aan beide zijden van de Atlantische Oceaan zijn van mening dat omvangrijke “handel”sverdragen als CETA veel te veel macht overdragen aan grote ondernemingen, ten koste van de burgers en regeringen, vooral vawege het ISDS-mechanisme (het investor-state dispute settlement) – of beter gezegd het “investor court system” (ICS), dat door politici angstvallig in CETA van een nieuw etiket is voorzien.

Nadat er namelijk in Europa nogal wat weerstand was tegen CETA (en dan met name het ISDS-deel) hebben de onderhandelaars in februari van dit jaar het “investeerders-bescherming”-hoofdstuk “herschreven”. Maar uit een stilgehouden rapport van maart 2016 blijkt dat dat herschrijven eigenlijk een PR re-branding oefening is geweest, waarbij ISDS een nieuwe naam kreeg: het Investment Court System (ICS). Het rapport noemt de uitkomst eigenlijk – terecht – het Zombie ISDS. Regeringsleiders die nu burgers met de hand op hun hart verzekeren dat er geen ISDS-procedure in het verdrag staat hebben dus wel gelijk, maar eigenlijk niet. Kiezersbedrog van de bovenste plank.

Volgens CETA’s hernoemde ISDS krijgen drie arbiters (voortaan genoemd “rechters”) die elke keer uit een lade worden getrokken om uitspraak te doen, US $3.000 per dag, bovenop hun maandelijkse vergoeding van 2.000 euro’s per maand. Daarnaast mogen zij als advocaten optreden voor ondernemingen die dit soort rechtszaken aanspannen.

Dit mechanisme geeft dus buitenlandse ondernemingen de macht om regeringen voor het gerecht te slepen… alleen is dat gerechtshof dan niet gebouwd op de fundamenten van de Wet, maar een speciaal daartoe vervaardigd rechtssysteem.

Zo kunnen ondernemingen dan bijvoorbeeld regeringen aanklagen omdat zij vanwege wetgeving minder van hun producten kunnen verkopen (omdat aan de “eisen” niet kan worden voldaan) en zij dus toekomstige winsten mislopen. Je zou zeggen dat (onze) politici daar flink wat bezwaren tegen hebben, omdat eerder multinationals nationale regeringen hebben aangeklaagd voor miljarden dollars. Z claimden dat zij “future profits” misliepen vanwege rechtsregels.

We hebben in ieder geval in Brussel al genoeg ezels rondlopen die zich wel degelijk twee keer (of eigenlijk veel vaker) aan dezelfde steen hebben gestoten.

Vorig jaar waren er grofweg 70 [3] nieuwe ISDS rechtszaken van ondernemingen tegen landen volgens NAFTA en andere bilaterale verdragen, waardoor wereldwijd de zorgen over ISDS en de manieren waarop ondernemingen landen (regeringen) financieel leegzuigen, toenamen, terwijl er in rechtszaken ook meteen een “ban” uitgesproken wordt over nieuwe regelgeving. Zelfs als een regering een ISDS-zaak wint, heeft het – om zichzelf te verdedigen – gemiddeld $ 8 miljoen uitgegeven aan juridische onkosten.

In het centrum van deze “geheimzinnige, ontluikende juridische sector” bevindt zich een “verborgen mafia” van vijftien arbiters die (in 2012) over grofweg 55% van alle bekende ISDS rechtszaken uitspraken hebben gedaan– waarbij zijzelf miljoenen dollars aan vergoedingen opstreken en miljarden dollars voor hun zakelijke cliënten wisten binnen te halen. In die “verborgen mafia” vinden we drie Canadese advocaten: Marc Lalonde, L. Yves Fortier, en Henry Alvarez; vier Amerikaanse advocaten: Charles Brower, Stephen M. Schwebel, William W. Park, en Daniel Price; en acht juristen uit Frankrijk, Chili (!), Zwitserland, Nederland, Duitsland en België.

Galati’s “statement of claim” waarschuwt het publiek er ook voor dat diverse artikelen van CETA “bóven het Charter geplaatst worden waarmee de Canadese overheid publieke programma’s als Gezondheid, Onderwijs, Opvoeding, Sociale Zekerheid garandeert, ja zelfs het elimineren van subsidies, monopolies en staatsinstellingen voor het publieke welzijn. De enige publieke diensten en entiteiten die in CETA zijn beschermd zijn “het innen van belastingen, de nationale veiligheid en de culturele sector,” meent Galati. “De rest wordt te grabbel gegooid” voor privatisering.

De minister voor Internationale Handel Chrystia Freeland vindt dat CETA voldoet aan de eisen van de Canadese grondwet, maar het is nog maar de vraag of een verdrag geldig is zonder dat het parlement haar goedkeuring heeft verstrekt [4]. Deze taktiek van het éérst tekenen door de regeringsleiders en het vervolgens ter goedkeuring geven aan de nationale parlementen is door de EU en Canada bewust gehanteerd – logischer is natuurlijk de omgekeerde volgorde: eerst vraag je de volksvertegenwoordigers wat zij er van vinden en daarna teken je. Maar de huidige handelswijze betekent dat partijen het handelsverdrag “voorlopig” gaan invoeren, en dat “voorlopig” kan maar zo vijftig of honderd jaar duren. In de beleving van politici is voorlopig namelijk definitief.

De Canadese regering heeft nu 30 dagen de tijd om op de claim te reageren, en de eisers stellen dan ook dat binnen deze termijn de volksvertegenwoordiging niet mag instemmen met het verdrag, vóórdat er een uitspraak over is gedaan. De reden om dit verdrag (en zometeen ook TTIP – het Amerikaans/EU-equivalent van dit stuk) er zo snel doorheen te jassen is dat hoe langer het duurt (vooral in Noord-Amerika) steeds méér mensen te weten komen wat de ISDS-clausule wèrkelijk inhoudt, en er dus nòg meer weerstand tegen dit soort achterkamertjes-verdragen komt. Het op korte termijn rond maken van deze deal heeft dus niets te maken met de geloofwaardigheid van de EU en die van Canada, maar meer met de ongewenste consequenties van het verdrag.

Zo zijn er bijvoorbeeld hedgefondsen, banken en verzekeraars die speculeren op de uitkomsten van ISDS rechtszaken: zij lenen geld uit aan ondernemingen zodat die regeringen voor het gerecht kunnen slepen, en delen een percentage in de opbrengst als beloning voor hun hulp. Zo’n weddenschap kan lucratief uitpakken: in een recente ISDS-rechtszaak werd een nationale regering gedwongen maar liefs $50 miljard te betalen aan de eiser.

Terwijl CETA het mogelijk maakt dat duizenden Europese en Canadese bedrijven regeringen gaan aanklagen “voor toekomstige verliezen” kunnen maar liefst 42.000 Amerikaanse multinationals die vestigingen in Canada hebben, óók Europese regeringen aanklagen, zich beroepend op het CETA-verdrag dat dat mogelijk maakt. Het is een door de Amerikanen verlangd “achterdeurtje” voor het geval het TTIP verdrag tussen de VS en de EU er niet komt (en met de invoering van CETA hebben zij TTIP eigenlijk helemaal niet meer nodig).

De rechtsgeldigheid van CETA wordt óók betwist bij het Duitse Hooggerechtshof in Karlsruhe. [5

 

 

Reacties

Reacties

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.