DELEN
Rajoy

Terreur van Spaanse oproerpolitie tegen mensenmenigten in Catalonië: een escalatie van Spaans staatsgeweld, aangejaagd door een rechtse regering wiens politieke en ideologische wortels liggen in het fascisme van dictator Franco. Wat we ook denken over een onafhankelijk Catalonië, het allereerste wat ons te doen staat is toch wel een totaal en onvoorwaardelijk néé tegen het politiegeweld dat de Spaanse staat tegen referendumdeelnemers hanteert.

1.

De aanloop. Eerst verbood het Spaanse centrale gezag het referendum waarin bewoners van Catalonië zich over onafhankelijkheid zouden uitspreken. Vervolgens deed dat Spaanse gezag haar best de uitvoering van dat referendum te saboteren, door de infrastructuur ervan te saboteren, medewerkers te arresteren, websites plat te leggen en stembiljetten in beslag te nemen. Tevens stelde de Spaanse staat de Catalaanse politie onder bevel van het centrale, dus Spaanse gezag.

En nu dus dit. Spaanse politieagenten timmeren Catalaanse demonstranten in elkaar. Spaanse politieagenten beschieten Catalaanse mensen met rubberkogels. Spaanse politieagenten oefenen staatsterreur uit tegen mensen wiens misdaad er uit bestaat dat ze een kruisje willen zetten op een papiertje en dat in een doos willen doen. Nu heeft dat Spaanse gezag dus haar politie losgelaten, op vreedzame mensen die proberen te stemmen, proberen de stembureaus te bereiken, proberen de stembureau’s te verdedigen met hun aanwezigheid. Score: 761 gewonden, aldus het ministerie van gezondheid in Catalonië. O ja, er zijn volgens de Spaanse autoriteiten ook 12 agenten gewond geraakt. Dat zal wel… (1)

Misschien dat de regering van Ragoy hoopt dat de bang gemaakte bevolking door deze politieterreur in haar schulp kruipt. Ik denk echter eerder dart het verzet zal toenemen, en radicaliseren bovendien. Feitelijk timmert de oproerpolitie vandaag vele duizenden Catalanen de Spaanse staat uit. Want wie nog gelooft dat veel bewoners van Catalonië na vandaag nog een dag langer onderdeel van deze Spaanse staat willen uitmaken, zou zich wel eens deerlijk kunnen vergissen. Als het nationalisme van Catalonië een probleem is – en dat is het wel degelijk! – dan is het boven alles het optreden van de Spaanse, door eigen nationalisme gedreven regering en politiemacht, die dat nationalisme in Catalonië van argumenten voorziet en daarmee aanwakkert. Belangrijkste argument van Catalaanse nationalisten, zeker na afgelopen dag: kijk hoe Spanje met onze rechten en verlangens omspringt!

Volstrekte afwijzing dus van het Spaanse staatsgeweld! Laat mensen in Catalonië ongestoord, ongehinderd actievoeren, demonstreren, hun stembureau’s beheren, hun stembriefjes invullen en in de stembussen mikken als zij dat willen. Niet ter wille van het referendum zelf, niet ter wille van de ‘natie’, maar vanwege de vrijheid en de solidariteit, is het nodig dat linkse en radicale mensen dit zeggen, en ernaar handelen ook. Die politiemacht dient van straat te verdwijnen, die politiemacht verdient het om van straat verdreven te worden door demonstranten, met alle middelen die deze demonstranten daarvoor kiezen. Dat is op zichzelf geen keus vóór het Catalaans nationalisme. Dat is in de allereerste plaats een keus tegen repressie, tegen een oprukkend autoritair staatsgezag vanuit Madrid.

2.

Wat is de achtergrond van de huidige confrontatie? Er leeft al veel langer een streven naar meer autonomie voor Catalonië, en een minderheid daarbinnen die een volledig zelfstandig Catalonië – los van Spanje – nastreeft. Het nationalisme van Catalonië heeft oudere wortels. Onder de dictatuur van Franco – de fascistische winnaar van de Spaanse Burgeroorlog, en vervolgens dictator tyot zijn dood in 1975 – werd niet alleen Catalaans nationalisme, maar ook uitingen van culturele eigenheid, onderdrukt. Je mocht als ouder je kind geen Catalaanse naam geven bijvoorbeeld, en het gebruik van de Catalaanse taal in het openbaar was niet toegestaan. (2) Toen geleidelijk een democratisch staatsbestel werd doorgevoerd in Spanje na Franco’s dood, verdwenen dit soort beperkingen en kreeg Catalonië een flink stuk autonomie als onderdeel van de Spaanse staat. Problem solved? Problem helemaal niet solved.

Catalaanse nationalisten probeerden via constitutionele en wettelijke procedures meer autonomie te bereiken. Een kort overzicht, goeddeels op basis van een nuttig artikel op de website Politico (3) In 2015 stemde het regionale parlement van Catalonië een statuut voor meer autonomie: een meerderheid stemt vóór. Eeen rechts Spaans politicus, een zekere Rajoy,. lanceerde met zijn oppositiepartij een campagne tegen die autonomie. Dat leverde 4 miljoen handtekeningen op. Het parlement van heel Spanje keurde een versievan het autonomiestatuut goed, weliswaar ontdaan van flink wat van de eerdere scherpte. Dat resultaat werd in een referendum aan de bevolking van Catalonië voorgelegd. Een forse meerderheid van uitgebrachte stemmen was vóór.

Daarmee – zou je zeggen – was er keurig via grondwettelijke kanalen een stap richting meer autonomie gezet. Niet dat je verder aan zoiets echt wat hebt, als je portemonnee leeg is en je brievenbus overvol van rekeningen. Maar dan kunnen mensen zich des te beter concentreren op belangrijker zaken, zoals het stoppen van draconische bezuinigingen en de dramatische gevolgen daarvan voor toch al tamelijk arme mensen, Spaans en Catalaans en Baskisch en noem maar op.

Het is goed mogelijk dat het hierbij was gebleven als Spaans rechts en het centrale gezag zich hierbij had neergelegd. Maar dat deed het niet. En rechtse druk had succes. In 2010 verklaarde het Constitutionele Hof, waar Rajoy al eerder bij was wezen klagen, het autonomie-statuur deels voor onwettig, deels voor juridisch discutabel. “Het melding maken van Catalonië als een ‘natie’ had geen wettelijke betekenis en de Catalaanse taal wordt niet dezelfde status gegeven als het Spaans” . Een keurige wettelijke procedure richting autonomie wordt aldus geblokkeerd. Gek he, dat Catalaanse nationalisten meer gehoor krijgen voor een radicaler, separatistisch verhaal?

In hetzelfde 2010 vind in de Catalaanse hoofdstad Barcelona een massabetoging plaats waaraan naar schatting een miljoen mensen meedoen. Leus: “Catalonië is een natie. Wij beslissen!” Precies dát wil de Spaanse staat dus niet hebben, en de partij van Rajoy al helemaal niet. En die aprtij wint in 2011 verkiezingen, waarna Rajoy geen oppositieleider meer is maar premier van Spanje. Spaans nationalisme, anti-Catalaans chauvinisme was en is zijn troefkaart. Een prachtige methode om de woede die arbeiders – in Madrid en in Barcelona, Spaans zowel als Catalaans – tegen het rechtse bezuinigingsbeleid tot uiting brachten, via verdeel en heers uit de rails te helpen vliegen.

Nogmaals probeerden Catalaanse nationalisten – die het regionale bestuur van Catalonië leiden – een legale parlementaire weg naar meer onafhankelijkheid in te slaan. Eerst waren er in 2012 weer enorme mensenmenigten op straat: tussen de 600.000 en de anderhalf miljoen demonstranten in Barcelona op 11 september, de nationale dag van Catalonië. De Catalaanse president vroeg in 2012 aan Madrid of de Catalaanse regionale regering haar eigen belastingen mag heffen, zoals Baskenland mag. Nee, zei Rajoy. De Catalaanse regio-regering schreef verkiezingen uit om draagvlak te krijgen voor een nieuw referendum. Een ruime meerderheid van het vervolgens verkozen regio-parlement steunde dat plan. Catalaanse afgevaardigden in het Spaanse parlement stelden in 2014 voor een officieel referendum te houden. Nee, zei een overgrote meerderheid van Spaanse parlementsleden, niet alleen openlijk rechtse parlementsleden trouwens. Vervolgens probeerde de Catalaanse president het met een informeel referendum. Nee, zei het Constitutionele Hof. Gek he, dat Catalaanse nationalisten geloofwaardiger beginnen te klinken als ze zeggen dat er met dit Spanje onder deze regering geen zaken zijn te doen?

Het informele referendum ging overigens wel door, in november 2014, met een nogal lage opkomst maar wel een grote meerderheid daarin vóór onafhankelijkheid. In 2015 wonnen partijen die vóór volledige onafhankelijkheid zijn nét geen meerderheid van stemmen, maar wel een ruime meerderheid aan zetels, in het Catalaanse regio-parlement. Dat parlement zette in 2017 de gang in naar het referendum dat zondag 1 oktober gehouden werd, en waaraan deelname bestraft werd met politieknuppels en rubberkogels. Het is brute kwade trouw van het centrale gezag, het is Spaans nationalisme dat verschijnt als anti-Catalaanse arrogantie, die grote aantallen Catalanen tot steeds fellere tegenstanders van de Spaanse staat heeft gemaakt, en daarmee ontvankelijk voor het appel van het Catalaanse nationalisme. Catalanen worden als het ware de Spaanse staat uit geranseld, onder het motto dat die Catalanen koste wat kost onderdanen van die Spaanse staat moeten blijven. Het is die staat, en haar rechtse regering onder leiding van Rajoy, die de huidige confrontatie heeft gezocht en op de spits drijft. Het is die Spaanse staat, haar rechtse regering en haar fascistoide politiemacht die verslagen dient te worden.

Maar er zijn meer redenen voor het Catalaanse nationalisme. Het is veel te simpel om er alleen een legitieme reactie op madrileens centralisme en Spaans chauvinisme in te zien. Het is meer dan dat. Zoals ieder nationalisme heeft ook het nationalisme van Catalonië een reactionaire kern die geen enkele steun dient te krijgen. Catalanen die demonstreren voor onafhankelijkheid, dienen dat in volle vrijheid te kunnen doen zonder door legioenen oproerpoltie te worden afgeranselde en beschoten. Maar hun nationalistische streven zelf verdient geen steun.

Drijvende kracht is deels rechts ongenoegen over belastingverdeling. Cijfers uit 2005 laten zien dat er tussen de 11,14 miljard en de 14,81 miljard euro’s aan belastingen in Catalonië worden opgehaald maar naar andere delen van de Spaanee staat stromen. Daar is niets raars aan, als je weet dat Catalonië met 15 procent van de bevolking van de Spaanse staat 20 procent van de economische opbrengst van dat land verzorgt (4). Onevenredigheid in economie verklaart de onevenredigheid van de belastingverdeling. Maar ondernemers en andere klagers over hoge belastingen – klassiek rechts issue – roepen ‘oneerlijk!’, en die vermeende scheefheid wordt vervolgens misbruikt als argument richting meer autonomie. Dit type nationalisme wortelt wel vaker in belastingprotest van delen van de middenklasse, van welvarende mensen die hun belastinggeld niet overgeheveld willen zien aan armere medemensen. Het onafhankelijkheidsstreven in deelrepubliek Slovenië van het toenmalige Joegoslavië in de jaren tachtig van de twintigste eeuw had soortgelijke trekken. Aan dat soort belastinggejammer kunnen linkse en radicale mensen maar beter niet meedoen.

Maar Catalaanse onafhankelijkheid wordt voor linkse en radicalemensen een stuk verleidelijker vanwege iets anders. In 2014 zette het Constitutionele Hof een streep door wetgeving in Catalonië die mensen beschermde tegen huisuitzetting en door andere relatief progressieve maatregelen in Catalonië. Hiermee valt dezelfde rechtbank die Catalaanse zelfstandigheid blokkeert, nu ook een beleid dat arme mensen in Catalonië enige ademruimte geeft. Dat ook linkse mensen de Catalaanse onafhankelijkheid een aannemelijk idee zijn gaan vinden, is tegen deze achtergrond niet verbazingwekkend. Zou zoiets niet een ‘eigen’, ‘progressieve’ regering in Barcelona kunnen brengen, als alternatief voor een hardvochtig rechts bestuur vanuit Madrid?

Toch is daarmee het nationalisme van Catalonië daarmee zelf niet ‘links’, ‘progressief’ of vanuit autonome dan wel anarchistische optiek het verdedigen waard, hoe goed de steun er aan in de huidige omstandigheden ook is te begrijpen. Nationalisme – elk nationalisme – doet namelijk twee kwalijke dingen. Het sticht nieuwe staten, verdedigt bestaande staten, of versterkt regionale onderdelen ervan. Staten zijn als onderdrukkingsmachten in handen van een kleine machtige minderheid nooit het voertuig van de bevolking namens wie ze spreken. Nationalisme smeedt tegelijk banden tussen basen en knechten, terwijk het vijandschap tussen knechten onderling aanwakkert – knechten die juist elkaars bondgenoot kunnen zijn in hun gezamenlijke strijd tegen bazen.

3.

Een Catalaanse staat betekent: een kleine groep Catalaanse politici krijgen regeringsmacht, een iets grotere groep Catalaanse ambtenaren krijgen uitvoerende macht, er komem Catalaanse postzegels en ambassadeurs en vlaggen boven gebouwen. Spaanstalige agenten en belastinginners worden vervangen door Catalaans-sprekende politiemensen en belastinginspecteurs. Aan de verhouding tussen staatsgezag van hogerhand en een onderworpen bevolking verandert niets wezenlijks. Een Catalaanse staat is geen voertuig voor ‘alle Catalanen’, maar van de staatsbestuurders zelf – en van de ondernemersklasse van Catalonië die daarmee niet langer afhankelijk is van lobbyen via Madrid, maar een eigen zaakwaarnemer op het wereldtoneel heeft, met een hoofdkwartier in het ‘eigen’ Barcelona.

Die Catalaanse staat zal als zij dat nodig vindt haar eigen oproerpolitie loslaten op betogers die haar gezag trotseren en op arbeiders die haar ondernemersklasse voor de voeten lopen met stakingen. Bescherming tegen huisuitzetting zou, onder druk van internationale concurrentie en het streven naar een ‘gunstig investeringsklimaat’, ook in een ‘vrij Catalonië’ wel eens op de schop kunnen zijn gegaan als het al niet was geschrapt door het Constitutionele Hof. Staten zijn niet primair welzijnsinstanties, maar stelsels van repressieve bestuursapparaten, ongeacht welke vlag erboven wappert.

Over nationalisme – elk nationalisme, zonder uitzondering – is meer te zeggen. Nationalisme bindt mensen verticaal, van hoog naar laag, terwijl het ze horizontaal juist scheidt. Het bindt arme Catalanen aan steenrijke Catalanen, ‘gewone mensen’ in Catalonië aan hun overheersers. Het doet dat op basis van gemeenschappelijke taal en ‘identiteit’. Het onttrekt daarmee de tegenstelling tussen laag en hoog, tussen arm en rijk, binnen die natie aan het oog – waardoor de machthebbers in die natie des te makkelijker hun gang kunnen gaan namens het ‘nationaal belang’. Tegelijk stelt het arme Catalanen tegenover arme Spanjaarden die in het zelfde sociaal-economische schuitje zitten maar vanwege het nationalisme ervaren worden als deel van een ‘vreemde’, ‘buitenlandse’, ‘vijandige’ natie. Zo komen Catalaanse en Spaanse arbeiders tegenover elkaar te staan. Zo blijven de gemeenschappelijjke vijanden van al die arbeiders – de ondernemersklasse, en het bijbehorende politieke bestel – uit de wind. Nationalisme verhult de klassentegenstellingen en splitst de onderworpen klassen en bevolkingen, waarmee de onderworpenheid des te makkelijker in stand blijft.

Nationalisme is vanwege deze mechanismes altijd en overal reactionair. Ook het Catalaanse nationalisme. Een zelfstandig Catalonië is leuk voor Catalaanse politici, ambtenaren, culturele adviseurs en ontwerpers van nationale symboliek, en van Catalaanse ondernemers. Voor de rest van de bevolking is het een doodlopende weg, een valkuil. Maar het is een valkuil waarin het Spaanse nationalisme, met Rajoy aan het hoofd en zijn oproerpolitie als uitvoerders – de Catalaanse bevolking in jaagt!

4.

Protest tegen Rajoy en zijn regering, verzet tegen diens gewapende troepenmacht die de straten van Barcelona onveilig maakt, is nodig. De repressie dient te stoppen, en dat gaat niet alleen de mensen in Catalonië aan. Wint Rajoy, dan is het immers een kwestie van tijd voor hij een volgend doelwit vindt voor zijn machtspolitiek. Dat kunnen voorstanders van meer autonomie in een andere regio zijn, maar ook arbeiders die willen staken en daarbij vaak tegen dezelfde oproerpolitie komen te staan.

Hier is wederom wat geschiedenis van belang. De PP, de regeringspartij van Rajoy, is voortgekomen uit dat deel van het fascistische Franco-bewind dat snapte dat de bordjes verhangen dienden te worden via een democratische facelift. Hadden de heersers dat niet tijdig gesnapt, dan had een arbeidersopstand ze wel eens uit het zadel gelicht kunnen hebbenm, want Spanje was in de jaren zeventig een land met veel en heftige stakingen. De PP kwam uit dat deel van de elite die politie rechten wilden erkennen, in ruil voor een plooibare en gezagsgetrouwe arbeidersbeweging, keurig geleverd door sociaaldemocratische en ‘Communistische’ vakbondsbestuurders en politici. Het spel werkte helaas, de revolutie ging niet door, al scheelde het niet eens zo heel erg veel.

De PP is het klassieke fascisme ontgroeid en oogt als een ‘gewone’ conservatieve partij. Maar het heeft met het Franco-fascisme een ultracentralistische houding tegenover regionale autonomie gemeen. En ze ondervindt hierin al steun van allerhande openlijke fascisten die dezer dagen de straat op gaan tegen de Catalaanse onafhankelijkheidsstrijd. Weet Rajoy die centralistische, met het historische fascisme verbonden, houding met geweld te laten zegevieren tegen de opstandige Catalanen, dan kunnen niet alleen andere regio de borst vast nat maken. Bij zo’n victorie spinnen ook fascisten garen, bij zo’n overwinning komt rechts als geheel in Spanje sterker te staan – een rechts dat ook nog eens een keihard bezuinigingsbeleid doordrukt en repressieve wetgeving heeft geïntroduceerd. Zo heel erg lang is trouwens de Spaanse Burgeroorlog niet geleden, en Rajoy doet de kwade geesten van het rechtse kamp uit die oorlog duidelijk en dreigend herleven.

Een nederlaag van Rajoy, zijn politiek en zijn politie is daarom nodig, juit vrijheidslievende en antifascistische overwegingen, juist ook als we élk nationalisme verfoeien en de ruimte voor sociaal verzet van onderop zo groot mogelijk willen houden. Geen steun aan welk nationalisme dan ook, niet dat van Madrid en ook niet dat van Barcelona. Maar wel degelijk solidariteit met degenen die, afgelopen dag door te demonstreren, komende dagen ook door te staken, de Spaanse repressie trotseren en de oproerpolitie fysiek de weg helpen versperren en meer ook. Er circuleert al een oproep tot een algemene staking, onder meer vanuit de anarchosyndicalistische vakbondsfederatie CNT. (5) Het is te hopen dat die oproep aanslaat, en dat het daar niet bepaald bij blijft.

Noten:

1 Sam Jones & Stephen Burger, “Hundreds injured as riot police storm Catalan independence referendum polling stations”, Guardian, 1 oktober 2017, https://www.theguardian.com/world/2017/oct/01/dozens-injured-as-riot-police-storm-catalan-ref-polling-stations

2 “Catalonia referendum: who are the Catalans?”, Aljazeera, 1 oktober 2017, http://www.aljazeera.com/news/2017/10/catalonia-referendum-catalans-171001083248355.html

3 “Catalonia Referendum: How did we get there? How Catalans went from dealmaking to insurrection”, Politico, 26 september 2017, http://www.politico.eu/article/catalonia-referendum-independence-timeline-how-did-we-get-here/

4 Belastingcijfers: zie noot 2; cijfers over bevolking en economie: zie noot 2.

5 Zie comment #119 van OliverTwister, 1 oktober 2017, in “Catalonia situation”, forumthread op Libcom, http://libcom.org/forums/news/catalonia-situation-22092017?page=3#comment-598627 en “#VagaGeneral3O #CNT on General Strike in Catalonia”, op Enough is Enough! 1 oktober 2017, https://enoughisenough14.org/2017/10/01/vagageneral3o-cnt-on-general-strike-in-catalonia/

Peter Storm

Reacties

Reacties

SDB en nieuwsreporter.com brengt u nationaal en internationaal nieuws

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.