Burgers leven van 426 euro p/m en 80 miljard euro gaat verloren aan corruptie in Spanje

spanje

Spaanse premier Rajoy ontkent kennis van corruptie in zijn partij bij getuigenis

 De Spaanse premier Mariano Rajoy heeft woensdag onder grote belangstelling voor het proces rondom corruptieschandaal ‘Operación Gürtel’ zijn getuigenis afgelegd waarin hij voor de rechtbank ontkende op de hoogte te zijn geweest van de illegale financieringen van zijn partij. De politicus van de conservatieve Volkspartij Partido Popular (PP) was de eerste zetelende regeringsleider die in Spanje in de getuigenbank moest plaatsnemen.

Rajoy is getuige in de rechtszaak over grootschalige corruptie en fraude in de regio’s Madrid en Valencia, waar leden van zijn partij bij betrokken zouden zijn geweest. De campagnekas van de PP zou hebben geprofiteerd van de verduistering van grote geldbedragen. De Spaanse premier Mariano Rajoy ontkende woensdag voor de rechtbank op de hoogte te zijn geweest van de illegale financieringen van zijn partij in de zaak-Gürtel. Hij zou zich nooit om boekhoudkundige kwesties bekommerd hebben. “Mijn verantwoordelijkheid was van politieke aard”, klonk het.

De zaak-Gürtel

De zaak-Gürtel is een corruptieschandaal in Spanje waarbij tussen 2001 en 2009 op grote schaal malversaties werden gepleegd. Het justitiële onderzoek naar de zaak is anno 2016 nog niet afgerond, en onlangs zijn er weer nieuwe gegevens naar boven gekomen. De rechtszaak omvat meer dan dertig zakenlieden en politici, het overgrote deel afkomstig van Partido Popular (PP), een partij die op dit moment een minderheidskabinet vormt. In de zaak-Gürtel creëerde politici en zakenmensen een netwerk van bedrijven en transacties dat werd gebruikt om publiek geld wit te wassen, dat in hun handen was voor de uitbesteding van openbare opdrachten aan hun “partners” in de regering. De publieke gelden werden echter nooit gebruikt voor dergelijke doeleinden, maar kwamen terecht op bankrekeningen die zij in Zwitserland, Andorra, Panama of de Kaaimaneilanden hadden geopend.

Het schandaal is zo omvangrijk dat justitie heeft besloten de zaak op te splitsen in verschillende deelprocessen, waarbij in de eerste fase die in oktober 2016 van start is gegaan, de periode 1999-2005 zal worden behandeld. Dat is de tijd waarin het corruptienetwerk volgens de Spaanse justitie werd opgebouwd rond de PP in Madrid. Later werd het netwerk uitgebreid naar andere regio’s. Alleen al in de eerste fase van de zaak gaat het om fraude met zeker 120 miljoen euro aan overheidsgeld. Op de beklaagdenbank zitten 37 verdachten, onder hen zakenlui en voormalige leden van de PP die onder andere worden beschuldigd van omkoping, fraude, witwaspraktijken en belastingontduiking. Het nationale gerechtshof besloot in april 2017 Rajoy op te roepen als getuige. De hoorzitting die gisteren in Madrid plaatsvond werd rechtstreeks op nationale televisie uitgezonden. De Spaanse premier wordt zelf niet verdacht of beschuldigd van corruptie en vroeg zich tijdens zijn verhoor zelfs hardop af of er niet een verkeerde getuige was opgeroepen.

“Luís el cabrón”: Luis de schurk

Een van de hoofdpersonen in de zaak-Gürtel is Spaans politicus Luis Barcena, die tot 2009 penningmeester was op benoeming van Mariano Rajoy (premier van Spanje, hoofd van PP). In datzelfde jaar werd hij in verband gebracht en aangeklaagd in verband met de zaak-Gürtel. In 2010 werd het bewijsmateriaal in de zaak-Gürtel vrijgegeven, waaruit bleek dat Bárcenas, tezamen met andere belangrijke leden van de PP, verdacht werd van illegale financiering van de partijkas. In 2011 werd de zaak tegen Barcenas gesloten wegens gebrek aan bewijs, maar de Audiencia Nacional heropende de zaak een jaar later voor fiscale delicten en belastingontduiking. In 2013 werd bekend dat Barcenas bijna 50 miljoen euro op geheime rekeningen in Zwitserland te hebben gestald. De politicus kon de rechter niet uitleggen hoe hij aan dat geld was gekomen. Ook zou Barcenas gedurende 20 jaar verantwoordelijk zijn geweest voor het uitbetalen van illegale bonussen aan topbestuurders van de PP.

Spil in het schandaal: Correa a.k.a “Don Vito”

De spil in het schandaal is ondernemer Fransisco Correa, die PP-functionarissen smeergeld zou hebben betaald en in ruil contracten hebben gekregen voor de uitvoering van publieke opdrachten en de organisatie van evenementen. Het Openbaar Ministerie eist 125 jaar celstraf tegen Correa. Andere verdachten zijn ondernemers die vermoedelijk smeergeld hebben betaald en degenen die zich zouden hebben laten omkopen: voormalige burgemeesters, wethouders, regionale ministers van de PP. Ook de PP zelf staat terecht, als rechtspersoon.

De Spaanse premier kreeg ook vragen over zijn relatie met de twee hoofdbeklaagden in deze zaak: Francisco Correa en Luis Bárcenas. “Ik ken Correa helemaal niet. Misschien ben ik hem wel eens gekruist tijdens een event van de partij. Maar ik had nooit een relatie met hem”, stelde Rajoy die zijn handen bijna twee uur lang in onschuld waste. Rajoy wist met zijn getuigenis de andere politieke partijen niet te overtuigen. De oppositie riep Rajoy na afloop van de getuigenis op direct zijn ontslag bij de koning in te dienen.

Klokkenluider drijft Rajoy in het nauw

Mede dankzij Ana Garrido, voormalig ambtenaar en klokkenluider, kwam het corruptieschandaal aan het licht. In haar functie als ambtenaar van een Spaanse gemeente stuitte Garrido tien jaar geleden op de eerste aanwijzingen van illegale campagnefinancieringen van Partido Popular. In een interview vertelt zij: “Het is in Spanje normaal dat de automonteur vraagt of je wel of geen BTW wilt betalen. Maar ik was geschokt door de structuur en omvang van de politieke corruptie die ik zag.” Garrido zou gedurende haar ambtsperiode geregeld verteld zijn dat aanbestedingen naar specifieke bedrijven behoorden te gaan. “Dit was niet meer verdacht. Het was evident dat hier iets niet in de haak was”, aldus de klokkenluider. De aanklagers in de zaak-Gürtel pogen nu aan te tonen dat bij dergelijke constructies in ruil geld was betaald aan de Volkspartij.

Bij het aankaarten van de onregelmatigheden werd Garrido op kantoor tegengewerkt. Toen de zaak toch aan het licht kwam, werd ook haar naam bekend waardoor ze vele bedreigingen en intimidaties ontving. Hoewel de rechters haar voorbeeldige burgerschap roemde vanwege haar optreden als getuige in het gerechtelijk vooronderzoek, verhuisde Garrido noodgedwongen naar Costa Rica, waar zij als schoonmaakster aan het werk moest om rond te kunnen komen. Inmiddels is Garrido een klokkenluider van faam geworden, waardoor geen enkel bedrijf met haar in zee wil en ze financieel aan de grond is komen te zitten.

Hoewel sceptisch over de uitkomst is ze toch blij dat de zaak-Gürtel afgelopen najaar van start is gegaan. Volgens Garrido zullen kopstukken als Rajoy de dans naar alle waarschijnlijkheid ontspringen. Desalniettemin beginnen Spanjaarden volgens haar het probleem van corruptie wel steeds meer te onderkennen. Ook wordt er over betere bescherming voor klokkenluiders gesproken, in het bijzonder door de liberale partij Ciudadanos die bezig is met een wetsvoorstel. De klokkenluider zelf heeft met lotgenoten een platform gecreëerd waar klokkenluiders al anoniem melding kunnen doen van misstanden. “Ik wil dat burgers corruptie kunnen melden zonder dat hun leven geruïneerd wordt”, aldus Garrido.

Je kan beter 10 miljoen stelen dan 79 euro

In Spanje zijn sommigen meer gelijk dan anderen in de ogen van de wet

George Orwell schreef in zijn befaamde boek Animal Farm (1945) “Iedereen is gelijk, maar sommigen zijn meer gelijk dan anderen”. Zoals men weet is dit werk een fabel waarin de auteur poogt totalitaire regimes te parodiëren. Vandaag de dag bestaan deze regimes ogenschijnlijk niet meer in het huidige Europa dat democratie veronderstelt. Echter, in Spanje lijkt het erop dat sommige mensen nog steeds meer gelijk zijn dan anderen, althans in de ogen van de wet.

In de afgelopen jaren stond in het bijzonder een schandaal van publieke corruptie en verduistering van publieke middelen, bekend als de Noös-zaak, in het middelpunt van de belangstelling in Spanje, vooral vanwege de publieke impact van de zaak. Niet dat corruptie iets nieuws is in het land, maar deze keer werden in aanvulling op de politici die stonden te popelen hun bankrekeningen vet te mesten, ook twee leden van de Spaanse koninklijke familie verdacht van betrokkenheid bij het schandaal. Prinses Cristina, de jongere zus van de Felipe VI, de koning van Spanje en Inaki Urdangarin, haar man. De Spaanse media spreken van een historisch proces. Het was voor het eerst in de historie dat een lid van de koninklijke familie terecht stond. Het feit dat ook deze twee personages op het beklaagdenbankje zijn komen te zitten, gaf voor het eerst een signaal aan de Spaanse samenleving dat er iets aan het veranderen was, dat de eerder alom heersende straffeloosheid voor de corrupten leek te verdwijnen en dat we eindelijk allemaal gelijk zijn voor de wet. Echter bleken dit valse verwachtingen.

De Noös-zaak

De Noös-zaak heeft haar naam te danken aan het gelijknamige instituut Noös, in handen van Inaki Urdangarin, de echtgenoot van prinses Cristina, samen met zijn voormalige zakenpartner Diego Torres tussen 2003 en 2007. Dit instituut werd opgericht als non-profit organisatie, echter werd het gebruikt om regeringen te overtuigen overheidsopdrachten te ondertekenen, om zo budgetten op te blazen bedoeld voor openbare werken die in veel gevallen niet eens werden gerealiseerd. Het instituut Noös voerde zogenaamd vooral activiteiten uit in twee gemeenschappen, beiden bestuurd door de huidige centrale politieke partij Partido Popular (PP), de Balearen en Valencia. Er wordt geschat dat het bedrag aan gestolen overheidsgeld meer dan 7 miljoen euro bedraagt voor fictieve projecten die nooit zijn uitgevoerd. Andere particuliere instellingen, waaronder ook voetbalclubs, gaven grote sommen geld aan deze organisatie met de bedoeling deze gelden wit te wassen en het Ministerie van Financiën op te lichten.

De zaak Palma Arena

De Noös-zaak is een lopende zaak van politieke corruptie in Spanje die begon in 2010 en voortkwam uit een andere grootschalige corruptiezaak, de zaak Palma Arena, waarbij met zo’n 50 miljoen euro aan publiek geld werd gefraudeerd bij de bouw van een sportcentrum in Palma de Mallorca. In januari 2014 vond magistraat Jose Castro voldoende aanleiding om een aparte zaak te openen op grond van verduistering van publieke middelen en frauduleuze administratie. Onder de verdachten bevonden zich wederom Prinses Cristina en haar echtgenoot Inaki Urdangarin. Maar Spanje is Spanje en zal Spanje zijn.

Het volk was verrast en hoopvol te zien dat de high society als twee gewone misdadigers op de strafbank kwamen te zitten. Op 17 februari 2017 deed de rechter dan eindelijk uitspraak over deze zaak en bevond Prinses Cristina onschuldig. Ze werd vrijgesprokenvan alle beschuldigingen en ontving geen straf voor het helpen van haar man bij verduistering en belastingontduiking. Hoewel zij geen celstraf heeft gekregen, moet Cristina wel een schadevergoeding van €265.000 betalen. Haar echtgenoot Urdangarin werd wel veroordeeld tot een celstraf van zes jaar en drie maanden voor verduistering, valsheid in geschrifte en witwassen. Maar hij verblijft momenteel met zijn familie in Zwitserland en niets doet ons denken dat we hem achter de tralies zullen zien.

Helaas vindt Orwell’s schrijven in Spanje vandaag de dag nog steeds realiteit: sommigen zijn meer gelijk dan anderen, althans voor de wet. De zaak tegen Alejandro Fernández, een jonge man uit Granada, die op 7 juni 2016 voor 6 jaar en 3 maanden de gevangenis in verdween, omdat hij €79,20 afrekende met een vals pinpas in een supermarkt, bewijst dat. De wet is de wet, maar in Spanje is die duidelijk niet voor iedereen hetzelfde.

Reacties

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.