DELEN
Basisinkomen

Is een basisinkomen voor iedereen een oplossing voor het migratie probleem of  verdwijnende banen? Of gewoon weggegooid geld?

De EU klaagt er worden te weinig kinderen geboren voor de toekomst, dus worden er met duizenden tegelijk migranten naar de EU gehaald om de economie te redden zegt de EU: ‘Het lage geboortecijfer in Europa, ver onder de noodzakelijke 2,1 kind per vrouw, gaat rampzalig uitpakken voor de economische ontwikkeling’

Meer en harder werken

Het is natuurlijk een grote onzin om mensen die al meer dan 40 jaar werken nog langer door te laten werken omdat anders de economie niet meer draait of dat de kosten veel te hoog worden GROTE BULLSHIT, wat denk u wat een immigrant ons op jaarbasis kost!, vele miljarden worden uitgegeven terwijl dit helemaal niet nodig is.

Waarom krijgen wij minder kinderen?, het antwoord is simpel maar daar hoor je niemand over:

  1. leefkosten onbetaalbaar
  2. kinderen hebben we geen tijd voor
  3. man en vrouw werken steeds meer
  4. we zijn niet meer gelukkig door het vele werken
  5. kinderen zijn duur
  6. studies, schoolreisjes, universiteit allemaal te duur geworden
  7. carrière gaat voor omdat er ander niets binnenkomt

Zomaar een paar gedachtes die bij mij opkomen, NEE mensen we zijn niet gelukkig meer en een slaaf van de maatschappij geworden, een vader die nog alleen werkt om zijn gezin te onderhouden komt bijna niet meer voor. Papa en Mama moeten nu beide werken om de hoge kosten te betalen dus tijd voor een tweede laat staan voor een derde kind is er niet meer.

Een kind van de wieg naar de unie brengen, kost minstens 170.863,61 euro. In dat bedrag zit de basiskosten om te leven en de uitgaven aan onderwijs en kinderopvang. De cijfers zijn gebaseerd op een theoretisch model dat uitgaat van een netto-inkomen van 2.128 euro voor een koppel met kinderen. Een kind kost hen gemiddeld 462,17 euro per maand. “De realiteit leert dat een koppel met zo’n laag inkomen, dat net onder de armoederisicogrens zit, slechts 82 procent van die kost echt kan uitgeven”.

Voor een gezin met een inkomen van 3.434,1 euro per maand,  kost een kind groot brengen van nul tot 25 jaar in totaal 219.532 euro minimaal per maand. Zij geven meer uit aan basiskosten zoals een woning, voeding, kleding en een wagen en betalen door het hogere inkomen meer voor kinderopvang.

basisinkomen

Geluk is weg

Flexibel werken en voor ieder een basisinkomen

Een bredere kijk op arbeid en werk, en de vele daaraan gekoppelde zaken als arbeidsmarkt, loon/salaris, werkeloosheid, arbeidsmotivatie, werkgelegenheid, etc. etc.

Deze bredere kijk houdt in dat onder werk zowel betaalde als onbetaalde arbeid wordt verstaan. Er zijn drie groepen werkers te onderscheiden.

De eerste groep omvat de betaalde werkers/arbeiders, zoals de bouwvakker, de ambtenaar, de ceo van een wereldconcern, de voetbalprofessional, de medicus, de verpleegkundige, de zzp-er, de opbouwwerker.

De tweede groep zijn de onbetaalde arbeidskrachten: de mantelzorgers, de vrijwilligers, de huisvrouwen/mannen, de arbeidsgehandicapten, de studenten, de stagiaires, etc. etc.

Dus ook studeren, een opleiding of stage doen, wordt hier als onbetaald werken begrepen. Dit geldt eveneens voor de vrijwilligers, die soms – veelal kleine – vergoedingen in geld of natura krijgen (bijvoorbeeld de bioscoop vrijwilliger die gratis toegang krijgt in zijn/haar bioscoop).

De derde groep zijn diegenen die zowel betaald als onbetaald werk verrichten: de advocaat met een onbezoldigde bestuurs-baan in zijn vrije tijd, de zzp-er die onbetaald klusjes bij ouderen doet, de AOW-er die tegen een klein loon kranten bezorgd, de huisvrouw die een dag per week als invalkracht betaald werkt in het onderwijs, de student met in de avond een betaald horecabaantje etc. etc.

Waarom rekenen wij al die drie groepen niet tot de gezamenlijke groep van werkers, die betaalde en/of onbetaalde arbeid verricht? Waarom tellen al die mensen niet mee in statistieken over werkgelegenheid, de arbeidsmarkt, etc. Alleen op die manier is een juist en echt beeld te krijgen hoe het feitelijk met de werkgelegenheid, de arbeidsethos van de Nederlander boven de 18 jaar is gesteld.

De hamvraag is natuurlijk of wij Nederlanders het er over eens zijn dat al de genoemde mensen arbeid/werk verrichten.

Het antwoord op deze vraag is ja. Immers, zijn wij het er niet over eens dat opvoeding en verzorging van kinderen werken is? Geldt niet hetzelfde voor de mantelzorger, de studerenden? Niet alleen de professional werkt, ook de vrijwilliger zonder loon/salaris.

Zo redenerend is vast te stellen dat velen in Nederland werken/arbeiden, betaald en onbetaald. Het is tijd om anders aan te kijken tegen betaald en onbetaald werken, en daarmee het huidige gebruik van de begrippen werk en arbeid aan te passen met de daaraan gekoppelde begrippen arbeidsmarkt, werkeloosheid etc. etc. En ook om afstand te nemen van kwalificaties van zij die geen betaald werk hebben als ‘luiaards, bankzitters, profiteurs’.

Vandaag de dag spelen met name de automatisering en robotisering een grote rol en doen hun effecten op de betaalde werkgelegenheid gelden. Feit is dat voor de 50 plusser het vinden van een betaalde baan kan worden vergeten. In plaats van een stijgen van de huidige betaalde werkgelegenheid kan beter van een daling worden uitgegaan. Een oplossing voor de structurele aanwezigheid van een fors tekort aan betaalde arbeidsplaatsen is er niet, ondanks al het positieve geluid dat vele partijen steeds maar uitdragen, tegen beter weten in.

Anderzijds, wij worden steeds ouder, er ontstaat een kolossale vraag naar mantelzorg voor ouderen. Ook de druk van de politiek op de burger om – onbetaald – mee te doen aan onze participatiemaatschappij, wordt steeds opgevoerd. Met andere woorden: genoeg onbetaalde werkgelegenheid.

Laten wij hierop inspelen en het betaald en onbetaald werken meer als gelijken naast elkaar zetten. Dit niet alleen in waardering, voelen en morele erkenning, maar ook met geld in de vorm van het basisinkomen. Inderdaad, daarom wordt van inkomen gesproken en niet van een uitkering.

Een steviger bestaanszekerheid en afdekking van inkomensrisico’s, ontstaan van een relaxter maatschappelijk gebeuren met meer ruimte voor duurzaamheid, cultuur, gezondheid, solidariteit, eigen ondernemingszin en minder dominantie van vraag en aanbod van enkel betaald werk.

Met het basisinkomen verwerven Nederlanders vanaf 18 jaar tot aan zijn/haar dood bestaanszekerheid. Net zoals nu de AOW doet voor de oudere en tot voor 5 jaar geleden de algemene heffingskorting elke Nederlander van 18 – 65 jaar zonder uitkering een bedrag uitkeerde of ervoor vrijstelde van inkomstenbelasting. In 2011 was dat €165 per maand, de zgn. ‘aanrechtsubsidie’. Beide zaken zouden opgevat kunnen worden als een soort basisinkomens avant la lettre.

Ontslagen worden, starten als zzp-er, stage doen zonder loon, doorstuderen vanaf je 18e, opleidingen volgen, in deeltijd betaald gaan werken, als huisvrouw/man taken op je nemen, al deze zaken krijgen een wat makkelijker te (ver-) dragen opgave door de aanwezigheid van een basisinkomen.

Net zoals bij die bredere kijk op werk en arbeid, waardoor meer gelijkheid tussen onbetaald en betaald werken kan worden ervaren, geeft de zekerheid van een basisinkomen meer vertrouwen bij burgers in een functioneren als volwaardig lid van de gemeenschap. Het maatschappelijk gebeuren krijgt daardoor een relaxter karakter, met meer ruimte voor duurzaamheid in de wereld, minder nadruk op als maar meer en meer consumeren, aandacht voor (geestelijke) gezondheid, meer plek voor cultuur en ondernemingszin en ook plaats voor de gehandicapte mens: kortom inperking van de overmatige aandacht voor bijna uitsluitend groeicijfers en de markt van betaald werken. Invoering van het basisinkomen roept een halt toe aan de steeds toenemende tweedeling in onze maatschappij en geeft meer ruimte voor groei van de noodzakelijke solidariteit tussen burgers.

De-bureaucratisering, meer transparantie en eenvoud, afslanking overheidsapparaat, ontstaan van een reservoir aan arbeidskrachten beschikbaar voor nieuwe taakinvulling, en afname fraudegevoeligheid.

Invoering van een voldoende basisinkomen betekent dat een veelheid van regelingen, wetten, toeslagen, uitkeringen etc. etc. in de prullenbak kunnen verdwijnen. De overheid wint hiermee aan transparantie en eenvoud.

Het effect van zo’n de-bureaucratisering is nauwelijks te bevatten. Wel is duidelijk dat het overheidsapparaat kan afslanken. Daarnaast is het potentieel aan arbeidskrachten bij de overheid ook deels inzetbaar en te gebruiken voor:

versterking sectoren als belastingdienst, zorg,onderwijs, schuldhulpverlening, milieu
opknippen van fulltime banen in deeltijdwerk voor verruiming aanbodszijde van betaald werk initiëren van nieuwe en aanvullende taakopvattingen in overheidsbanen met meer aandacht voor maatwerk, actief de wijk ingaan om daar onderzoek te doen naar de werkelijke (financiële) problemen van de burger en te vragen naar zijn/haar maatschappelijk functioneren (betaald en onbetaald werken, beheersing Nederlandse taal, leerplicht, ondernemerspraktijken, woonsituatie).
De de-bureaucratisering van het overheidsapparaat is een grote operatie en vraagt om de nodige reorganisaties, herschikkingen en om- en bijscholing, op gemeentelijk zowel als rijksniveau.

De rechtvaardiging voor deze veranderingen komt voort uit de opvatting dat burgers niet alleen rechten hebben, maar dat de democratische samenleving ook verplichtingen inhoudt. Uitdrukkelijk is geen optreden aan de orde vanwege het streven van de overheid naar George Orwell’s ‘big brother watching you’ staat. Noch is de opzet in het geding af te glijden naar een maatschappij van willekeur waarbij de nieuwe ambtenaar wel even bepaalt wie wat en hoe. Het gaat om een optreden met open vizier, gegrond op eenduidige regels, gericht op uitleg voor en controle van de burger en in voorkomend geval leveren van maatwerk. Hierbij zijn ook beoordelingen aan de orde.

Een ander beoogd effect van deze de-bureaucratisering is de afname van de fraudegevoeligheid. Controles, onderzoek, interviews blijven weliswaar bestaan, maar gebaseerd op een eenvoudiger en eenduidiger systeem, met als doel een meer waarheidsgetrouw en realistischer beeld te verkrijgen over theorie en praktijk. Dit kan bijdragen tot een relaxter maatschappelijk gebeuren: burgers weten waar zij aan toe zijn, geen verlokkingen meer om te frauderen vanwege ons huidig te complex geworden stelsel van sociale zekerheid, met mazen in het net op velerlei gebieden, zowel voor de lagere, midden als hogere inkomens.

basisinkomen

De invoering van een basisinkomen in heel Nederland is financieel haalbaar.

Het vierde argument voor invoering van het basisinkomen in Nederland betreft de financiële haalbaarheid. Weliswaar eerder een constatering dan een argument, maar daarom niet onbelangrijk, gegeven de vele sombere geluiden tegen het basisinkomen.

De derde paragraaf gaat dieper hierop in door cijfermatig de besparingen en tekorten van de overheid te benoemen die door de invoering ontstaan. Voor dit moment wordt volstaan met de constatering van financiële haalbaarheid, ondanks tekorten.

Natuurlijk zijn financiële cijfers van groot belang bij het bepalen wat wel en niet mogelijk is. Tegelijk is er de waarheid dat die cijfers niet uitsluitend de bepalende factor zijn. Anders gezegd: een tekort hoeft voor de staat niet tot afwijzing van een idee als het basisinkomen te leiden. Hoeveel heeft ons als belastingbetaler niet de redding van de banken gekost, Betuwelijn, Deltawerken, de hoge snelheidslijn NS, de diverse ICT- projecten, de nationale politie, Griekenland? Kosten, ook nog vaak eens met honderdtallen miljoenen overschreden. En al die kosten zijn inmiddels weer in de in- en uitkomsten van de staat opgenomen. Wij kunnen leven met een staatsschuld anno 2017 van €467 miljard, in 2009 was dat bedrag €349 miljard 7 Een stijging in 9 jaar met €118 miljard.

Waarom steekt ons land niet de nek uit met het basisinkomen! Dit is een project met zeer grote intrinsieke waarde en kan nationaal een totaal nieuwe en uitdagende leefomgeving scheppen: werken om te leven en niet werken om te overleven.

Wellicht doen effecten op de langere termijn zelfs tekorten verdwijnen, het basisinkomen als geniale vondst en duurzaam medicijn voor vele kwalen.

Laten daarom de politieke partijen is ons land zich voor de invoering van het basisinkomen sterk maken en dit punt gezamenlijk als een soort nationaal programma boven op hun agenda zetten.

De wetenschappelijke bureaus van de verschillende partijen moeten zich wat wetenschappelijker met het fenomeen basisinkomen gaan bezig houden op grond van helderder en bredere definiëring van wat begrippen als werk en arbeid (betaald en onbetaald) en daaraan gekoppelde zaken inhouden.

Ditzelfde geldt trouwens voor andere wetenschappelijke instanties zoals het CPB en CBS en natuurlijk voor de diverse faculteiten van onze universiteiten. Voor die faculteiten komt er een ‘mer a boire’ aan mogelijkheden voor nieuw evaluatief onderzoek over de effecten van invoering van het basisinkomen op terreinen als gezondheid, gezondheidszorg, cultuur, samenleving, onderwijs etc. etc.

Ook de vakbeweging zou zich opnieuw kunnen uitvinden door zich niet alleen sterk te maken voor haar betaalde arbeiders, maar ook de niet betaalde werkers tot haar doelgroep te rekenen en er voor te zorgen dat de belangen van niet betaalde werkers inzake opleiding, positie en werkomstandigheden, aandacht krijgen.

Een vergezicht doemt op met beelden uit het verleden waarbij Adam Smith en Karl Marx gebroederlijk de arena betreden om hun reactie te geven op het onderwerp basisinkomen. In de plenaire discussie moeten beiden ruiterlijk toegeven dat hun theorieën niet tegenover elkaar staan, maar elkaar aanvullen: Marx voor het solide en solidaire fundament in elke maatschappij via het wettelijk basisinkomen. Smith met zijn mechanisme van vraag en aanbod, de markt, die mogelijk maakt dat individuen met een basisinkomen zich toch kunnen onderscheiden – binnen de grenzen van de wet – door over meer of minder middelen te beschikken om te leven naar eigen behoefte en goeddunken.

Beide heren als steunpilaren voor het basisinkomen. Geen vergezicht is tenslotte onmogelijk. Om met Rutger Bregman en Joris Luijendijk te spreken: ook de slavernij is uiteindelijk afgeschaft en het vrouwenkiesrecht is er ook gekomen. Nu is het tijd voor invoering van het basisinkomen, overal en te beginnen in heel Nederland.

Door de snelle opkomst van robotisering en kunstmatige intelligentie wordt groot banenverlies voorspeld. Het verlies van werk en inkomen en de kleine kans om dat terug te winnen doet de discussie over een basisinkomen weer oplaaien. Denk aan een basisinkomen voor alle Nederlanders boven de 18 jaar van bijvoorbeeld 1000 euro netto per persoon per maand, zonder voorwaarden. Is zo’n basisinkomen met alle consequenties van dien echt de panacee voor een toekomst met minder werk?

Keuze

Voor alle duidelijkheid: ik ga hier niet berekenen of een basisinkomen financieel haalbaar is of onze huidige welvaart onderuit zal halen. Daarbij spelen zoveel complexe factoren een rol, dat gaat het bestek van dit opiniestuk te boven. Wat ik hier wil doen, is kijken of de in de discussie gebruikte argumenten voor een basisinkomen tot een goede fundamentele keuze kunnen leiden.

Bouwsteen

Voorstanders van een basisinkomen zien dit veelal als extra geld, een mooie eerste bouwsteen in een door de overheid financieel verzorgd leven. Daarnaast zien zij dat de bestaande toeslagen, uitkeringen en dergelijke gewoon blijven bestaan, anders kunnen er immers flinke koopkrachtverschillen ontstaan met de huidige situatie.

Weggegooid

Tegenstanders zien een basisinkomen vooral als gratis geld, iets dat de overheid je toestopt terwijl je dat bijvoorbeeld helemaal niet nodig hebt. In hun ogen dient dit basisinkomen dus geen enkel doel, het is weggegooid geld. Het lost niets op van de bestaande herverdelingsmechanismen en leidt tot minder arbeidsparticipatie.

Lappendeken

Ik denk dat bovengenoemde argumenten niet scherp genoeg zijn, en dat een basisinkomen slechts denkbaar zou kunnen zijn als je dit ziet als het enige geld dat je van de overheid of het collectief krijgt. De lappendeken van AOW, WW, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, toeslagen en dergelijke wordt daarbij afgeschaft. AOW’ers krijgen dan een basisinkomen, net als studenten. Ook werklozen en arbeidsongeschikten vallen terug op hun basisinkomen. Loongerelateerde uitkeringen krijg je niet meer van het collectief. Als je die wilt, zul je zelf een verzekering bij een commerciële partij moeten afsluiten.

Uitkeringsfabrieken

Als je het basisinkomen ziet als het enige geld dat je van de overheid krijgt, kan het controlerende en herverdelende apparaat dat is opgetuigd voor de bestaande uitkeringen, toeslagen en dergelijke ophouden te bestaan. Uitkeringsfabrieken als SVB, UWV, DUO en Belastingdienst/Toeslagen kunnen worden opgeheven. Er dient slechts één instantie te worden aangewezen die het basisinkomen uitbetaalt; een relatief eenvoudige taak. Dit levert een aanzienlijke besparing op in de uitvoeringskosten.

Verschillen

Uiteraard kan dit basisinkomen bij invoering leiden tot welvaartsverschillen met de bestaande situatie. Deze koopkrachtproblematiek moet je willen accepteren, anders ben je nog een generatie bezig met overgangsregelingen. Burgers kunnen bij invoering dus flink winnen of verliezen, dat dient iedereen goed te beseffen. Een goede voorlichting hierover als de keuze ooit actueel wordt, lijkt onontbeerlijk.

Scherpe keuzes

Overigens kunnen ook scherpe keuzes leiden tot situaties die soms de wenkbrauwen doen fronsen. Zo krijgt bij dit basisinkomen een gezin van man, vrouw en twee inwonende meerderjarige kinderen maar liefst 4000 euro netto per maand aan basisinkomen. De bestuursvoorzitter van een beursgenoteerd bedrijf en zijn echtgenote krijgen 2000 euro netto per maand. Een alleenstaande ouder met twee minderjarige kinderen moet het doen met 1000 euro netto per maand aan basisinkomen.

Een ieder zal zelf moeten afwegen of dit gewenste situaties zijn. Ik denk zelf dat Nederland nog niet toe is aan het invoeren van een basisinkomen met deze consequenties.

basisinkomen

Pleidooi SDB

Inmiddels is wel duidelijk geworden dat armoede of kinderloosheid een fenomeen is dat niet met een beetje hulp, af en toe een financiële injectie en veel repressie, opgelost kan worden.

Onder de titel “waarom arme mensen domme dingen doen” is een onderzoeksrapport verschenen waarin staat dat langdurige stress invloed heeft op de keuzes die wij maken. Heel kort samengevat gaat het erover dat bij stress beslissingen worden genomen voor het nu en dat mogelijk negatieve consequenties voor later buiten beeld blijven. In de praktijk blijkt armoede dan ook vaak van generatie op generatie over te gaan. In de permanente stress van een tekort aan geld, worden structurele oplossingen eenvoudigweg niet gevonden.

Recent is een aantal voorbeelden in de krant verschenen van mensen die van de bijstand genoten en ook niet van plan waren om betaald werk te gaan doen. Zij hadden voldoende aan wat ze kregen en hadden alle tijd om zich te wijden aan wat zij leuk en belangrijk vonden. De reacties daarop waren, zoals te verwachten, niet onverdeeld positief. Zeker ook omdat één van hen, werkenden betitelde als ‘loonslaven’. Wat op z’n minst bijzonder is, in de wetenschap dat die ‘loonslaven’ zijn uitkering mogelijk maken.

Twee heel verschillende voorbeelden, maar in beide gevallen zou een basisinkomen een geweldige oplossing zijn.

Bij een basisinkomen horen geen verplichtingen, dus ook geen controles. Een belangrijke oorzaak van stress valt daarmee weg en er ontstaat ruimte voor lange-termijn keuzes, zodat schulden kunnen worden weggewerkt, er werk gevonden kan worden enz. Het niet hebben van een betaalde baan, betekent overigens niet dat je geen toegevoegde waarde hebt voor de maatschappij. In tegendeel zelfs, kunst, mantelzorg, vrijwilligerswerk e.d. zijn cruciaal om onze maatschappij draaiende te houden. Een basisinkomen biedt de mogelijkheid aan iedereen om daarin de keuze te maken die het beste bij hem of haar past.

Het basisinkomen is niet nieuw, het idee bestaat al jaren en wordt op sommige plekken in de wereld ook daadwerkelijk toegepast. De tegenstanders stellen echter dat een basisinkomen onbetaalbaar is. Ik stel daar tegenover dat het huidige sociale stelsel onbetaalbaar is en daar komt het binnen halen van migranten nog bij werkelijk miljarden worden onnodig gebruikt voor een oplossing die zo simpel is, natuurlijk helpt een basisinkomen luie mensen niet om te gaan werken maar geef daarvoor niet deze mensen alleen de schuld!. Schulden, armoede, onnodige migratie, geluk dat maakt een basisinkomen noodzakelijk.  Het introduceren van een basisinkomen vraagt om een andere en bredere kijk op de samenleving. Het levert in mijn stellige overtuiging veel meer op dan het kost. Doen dus!

ONBEGRIJPELIJK DAT U DIT PIKT EN NIET IN ACTIE KOMT WANT BASISINKOMEN HELPT ECHT ALLEEN DE REGERINGEN WILLEN U SLAAFS HOUDEN.

Reacties

Reacties

SDB en nieuwsreporter.com brengt u nationaal en internationaal nieuws

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.