DELEN
Syrie

Er lijkt nog maar eens een nieuwe fase aangebroken in het complexe Syrische schaakspel waar diverse spelers zich van hun meest machiavellistische of opportunistische kant laten zien. Turkse tanks, gevechtsvliegtuigen en special forces zijn Noord-Syrië binnengetrokken om samen met 500 zogenaamde gematigde rebellen van het Vrije Syrische Leger de Syrische stad Jarablus te heroveren op de Islamitische Staat.

Het Turkse militair optreden – een zoveelste schending van de soevereiniteit van een land en de bepalingen van het internationaal recht – valt samen met veranderende bondgenootschappen.

Volgens de New York Times kreeg deze operatie ‘Euphrates Shield’ Amerikaanse luchtsteun. Dat is een opmerkelijk keerpunt in de Turks-Amerikaanse relaties. Die waren op een dieptepunt aanbeland als gevolg van de Amerikaanse steun aan de Koerdische Volksverdedigingseenheden (YPG) die – samen met Arabische milities – een succesvol offensief voeren tegen de Islamitische Staat. De spanningen tussen beide landen liepen nog verder op nadat Erdogan een harde repressiecampagne startte tegen vermeende aanhangers van Fetullah Gülen die er door Ankara van beschuldigd wordt achter de coup van 15 juli te zitten. De regering in Ankara heeft inmiddels begrepen dat haar Syriëbeleid van de afgelopen jaren op een ramp is uitgelopen: het zorgde voor spanningen met Rusland en Iran, duwde de VS in de armen van de YPG en zorgde er ook voor dat de Islamitische Staat en andere extremistische groepen stevig voet aan grond kregen in Turkije. Turkije lijkt nu een koerswijziging te hebben ingezet door de banden met zowel de VS, Rusland, Iran en zelfs met Damascus aan te halen.

Washington laat Koerden vallen

Met de Amerikaanse steun aan het Turkse offensief komt de aap uit de mouw. De VS gebruikten de YPG als een pion voor andere belangrijke zetten op het Syrische schaakbord. De steun van Washington aan het offensief van de Syrische Democratische Krachten – waarvan de YPG de belangrijkste component vormt – die de Eufraatrivier waren overgestoken en Manbij veroverden op IS, lijkt in werkelijkheid een ander doel te hebben gehad, namelijk de Turken er met meer overtuiging toe bewegen IS militair aan te pakken, met een grondoffensief dus. De VS zijn zich er goed van bewust dat de aaneensluiting van de nu geïsoleerde Koerdische provincie Afrin (helemaal in het westen van Syrië) met de rest van Rojava (Syrisch Koerdistan) een absolute rode lijn betekent voor Turkije. De Syrische Democratische Krachten (met YPG) waren inderdaad zelf volop bezig aan de voorbereiding van een offensief om Jarablus, al-Bab en Mare uit de handen van IS te bevrijden. Ankara zag zich dus verplicht om tot afspraken te komen met de VS om te vermijden dat de YPG verder zouden oprukken. Vice-president Biden kon tijdens zijn recente bezoek aan Ankara, zijn NAVO-bondgenoot verzekeren dat Washington een verder Koerdisch oprukken niet zou toelaten. De Amerikaanse vicepresident gaf daarop duidelijk te verstaan dat de Syrisch-Koerdische troepen zich achter de Eufraat moesten terugtrekken. Doen ze dat niet, dan zouden ze niet langer kunnen rekenen op Amerikaanse steun. De YPG heeft inmiddels verklaard dat de Turkse interventie vijandig is en ze zich niet zullen terugtrekken. Nu Turkije zich verzekerd had van een Amerikaanse ‘go’ kon het meteen ook werk maken van een andere lang uitgesproken ambitie: de inrichting van een ‘bufferzone’ vanwaaruit verdere militaire operaties in Syrië, het trainen en bewapenen van rebellen kunnen worden uitgevoerd, alsook de creatie van een opvangplaats voor vluchtelingen die zo niet langer de grens oversteken.

VS willen Turkije niet langer in Russische handen drijven

Wat drijft de VS om de Syrisch Democratische krachten en dus de YPG te laten vallen voor Turkije? Turkije is en blijft in de eerste plaats een belangrijke strategische bondgenoot aan de zuidflank van de NAVO met een belangrijke militaire basis in Incirlik op een goede 100 km van de Syrische grens en met Amerikaanse kernwapens op Turkse grondgebied. De spanningen van de afgelopen maanden dreigden Turkije in de handen van Rusland te drijven. Na het neerhalen van een Russisch gevechtsvliegtuig door het Turkse leger in november 2015, waren de relaties tussen Moskou en Ankara barslecht. Maar daar lijkt met het bezoek van Erdogan aan Sint-Petersburg begin augustus een einde aan gekomen. Erdogan – die zich in juni al verontschuldigde voor het militaire incident met Rusland – solliciteerde openlijk naar nieuwe samenwerking met Moskou, zowel economisch als militair. De VS hadden het signaal begrepen en zochten dus naar een manier om Turkije wat meer ter wille te zijn. Dat kwam er met een duidelijke Amerikaanse veroordeling van de couppoging in juli tijdens het staatsbezoek van Biden en de politieke en militaire steun voor het offensief in Noord-Syrië. Voor Turkije bestaat het echte strategische doel van het offensief er uit om de Koerdische YPG de pas af te snijden. En dat weet Washington goed.

Kleine dooi tussen Damascus en Ankara

Zelfs tegenover Damascus heeft de Turkse regering een koerswijziging ingezet. Tot voor een aantal weken was het Turkse standpunt ondubbelzinnig en compromisloos: de Syrische president Bashir al-Assad moet van het toneel verdwijnen. Afgelopen weekend wijzigde premier Yildirim het standpunt en zei hij dat Assad nog deel kon uitmaken van een transitieperiode. Niet geheel toevallig kwam deze verklaring kort na de Syrische luchtaanval afgelopen week op enkele wijken van Hasakeh die onder controle staan van de YPG. Er vielen daarbij minstens 43 doden waaronder 27 burgers. Daarop braken er gevechten uit tussen Koerdische troepen en pro-regeringstroepen. Na enkele dagen kwam er onder Russische bemiddeling een staakt-het-vuren, maar de regeringstroepen moesten veel terrein weggeven (met nog slechts 10% van Hasakeh onder hun controle). Tot aan deze gevechten heerste er een defacto non-agressiepact tussen beide kampen. De regering kon zich zo concentreren op de strijd tegen de Arabische rebellengroepen in de rest van het land, terwijl de Koerden zich konden toeleggen op de strijd tegen IS. Maar de succesvolle Koerdische gebiedsuitbreiding lijkt Damascus zenuwachtig te maken omdat ze bedreigend is voor de eenheid van Syrië. Het recente Turkse offensief in Noord-Syrië is weliswaar door Damascus veroordeeld, maar volgens diplomatieke bronnen komt het Damascus toch goed uit dat de YPG wordt verzwakt. Zo kan vermeden worden dat de territoriale eenheid tussen Afrin en de rest van Rojava ook het begin zal inluiden van de afscheiding van het gebied van de rest van Syrië.

Kerry en Lavrov in Genève

Vraag is nu wat de geplande ontmoeting in Genève (op 26 augustus) tussen de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Kerry en zijn Russische ambtgenoot over Syrië zal opleveren. Beide landen zitten sinds de Russische annexatie van de Krim eveneens op ramkoers, maar lijken nu te streven naar een reeks van tijdelijke wapenbestanden rond Aleppo – om o.m. humanitaire hulp mogelijk te maken – die dan volgens de VS kunnen worden uitgebreid naar de rest van het land. De focus van de ontmoeting tussen beide ministers van Buitenlands Zaken ligt evenwel op de strijd tegen het terrorisme. De afgelopen weken onderhielden Rusland en de VS contacten om een militaire samenwerking op te zetten in de strijd tegen IS. Hoewel beide landen op veel punten van mening verschillen over Syrië, zien beide een belang in het bestrijden van IS. Beide landen proberen ook tot een overeenstemming te komen over wat enerzijds te bestrijden terreurgroepen zijn en anderzijds gewone rebellen die door de VS worden gesteund. Dat is andere koek. Bassam Barandi, een voormalig Syrisch diplomaat die zich nu aan de kant heeft geschaard van het oppositionele Hoge Onderhandelingscomité zei aan de nieuwssite al-Monitor dat het moeilijk zal zijn om te praten over een stopzetting van de vijandelijkheden omdat Jabhat al Nusra deel uitmaakt van de rebellen die in Aleppo gebiedswinst hebben geboekt. Jabhat al-Nusra veranderde recent van naam en gaat voortaan als Jabhat Fatah al-Sham (Front voor de Verovering van de Levant) door het leven. De bedoeling is om het al Qaida etiket van zich af te gooien en zo beter te kunnen samenwerken met andere rebellengroepen en hun broodheren.

Reacties

Reacties

Geef een reactie