DELEN
erdogan

De Islamitische Staat (IS), de Koerdische PKK en de beweging rond imam Fethullah Gülen zijn voor de Turkse president Erdogan een pot nat. Hij beschouwt deze toch sterk verschillende organisaties als pionnen van wat hij aanduidt als ‘üst akil’, ‘de superieure geest.’ Wat is dat?

Erg duidelijk wordt Erdogan er nooit over, behalve dan dat de ‘superieure geest’ zich volgens hem de vernietiging van Turkije tot doel heeft gesteld. De met hem sympathiserende media leveren de details. Daar leren we dat het om kringen in Washington gaat, met voorop de Amerikaanse inlichtingendienst CIA.

Gladio

Historisch beschouwd is er veel te zeggen voor het bestaan van een dergelijke structuur. Zo pleegde een door de Amerikaanse CIA geïnitieerd stay behind network (in de volksmond Gladio) gedurende de jaren zeventig en tachtig false flag aanslagen in NAVO-landen, ten einde daar een instabiel politiek klimaat te creëren waar rechtse partijen profijt van konden trekken.

In Turkije nam de CIA het initiatief tot een soortgelijk netwerk, al werd het daar nooit ontmanteld zoals eind jaren tachtig in andere NAVO-landen. Dat Gladio kan echter niet doorgaan als voorloper van de door Erdogan veronderstelde ‘superieure geest’. Het was de Turkse Gladio-variant (ook bekend als de ‘diepe staat’) immers zeker niet te doen om de vernietiging van Turkije. Naast allerlei criminele activiteiten, waaronder de handel in drugs, bestond de doelstelling in plaats daarvan uit het onderdrukken van socialistisch en (later) Koerdisch activisme. Dit onderscheid leert dat het verleden het heden niet bewijst.

Armenië

Erdogans mediavrienden moeten zich door heel wat bochten wringen om de PKK, IS en de Gülen-beweging aan de ‘superieure geest’ te koppelen. De president huldigt namelijk het standpunt dat soennitische moslims nooit en te nimmer iets te verwijten valt, en al zeker geen terrorisme. Een probleem, want bij PKK zitten veel (van huis uit) soennieten, terwijl IS daar geheel uit bestaat en Gülen een soennitische imam is.

Met een verwijzing naar de aartsvijand Armenië is daar wat betreft de PKK een mouw aan gepast. Al langer schrijven regeringsgezinde kranten dat de leden daarvan geen soennitische Turken zijn, maar christelijke Armeniërs.

Over de leden van IS kan dat uiteraard onmogelijk gesteld worden. Wellicht dat Erdogan daarom nooit van IS spreekt, maar van DAESH. In die afkorting komt geen letter I voor, waardoor ogenschijnlijk niets naar de islam verwijst. Een lapmiddel, want DAESH staat voor ‘al-Dawla al-Islamiya al-Iraq al-Sham’.

Verder weten we natuurlijk dat IS niet alleen aanslagen in Turkije pleegt, maar ook in tal van andere westerse en niet-westerse landen. Zijn die ook onderdeel van de intentie van de ‘superieure geest’ om Turkije te vernietigen? Onzin.

Özer

In het geval van Gülen wordt de link met Armenië wel gelegd. Zo schreef de columnist van krant Yeni Söz Can Kemal Özer dat de in de VS woonachtige imam een Armeense vader heeft. Hij zou volgens Özer ook nog eens een Joodse moeder hebben. Dubbel uitbetalen dus in het veelal anti-Armeense en antisemitische Turkije. Niet in de laatste plaats omdat ‘de Joden’ ook nogal eens worden genoemd aangaande de ‘superieure geest’.

Toen ik dit las vroeg ik me af hoe Özer denkt over de steun die de Turkse zusternatie Azerbeidzjan bij Israël vindt ten opzichte van Armenië. Daarnaast vroeg ik me af of Özer weet van Gülens antisemitische uitspraken uit de jaren negentig.

In ieder geval hoorde je in AKP-kringen niemand over een Armeense achtergrond van Gülen toen men het daar nog meer dan uitstekend met hem kon vinden.

Bozdag

Ondertussen gaan Erdogan en zijn Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (AKP) onverdroten door met druk uitoefenen op de VS om Gülen uitgeleverd te krijgen. De Amerikanen blijven echter vasthouden aan hun eis omtrent bewijs dat hij bij de mislukte staatsgreep van 15 juli jl. betrokken was. Lastig, want hoewel Erdogan een uur na de couppoging al zeker wist dat Gülen erachter zat, is een maand na dato niet meer bewijs geleverd dan een paar bekentenissen van in verband gehulde militairen.

Erdogan en de AKP beginnen schoorvoetend toe te geven dat het bewijs niet overeind blijft. Zo zei justitieminister Bozdag afgelopen weekend dat de CIA over meer bewijzen omtrent Gülens betrokkenheid beschikt dan Turkije. Zo schuif je het probleem natuurlijk alleen maar op, want bewijs dat dan maar weer eens. Wat Bozdag in feite deed was een gebrek aan bewijs erkennen.

Braafste jongetje

Erdogan gooide het over een andere boeg. Hij zei dat Turkije niet om bewijzen vroeg toen het op verzoek van de VS terroristen uitleverde na de 9/11 aanslagen. Dus waarom zou Turkije nu wel bewijzen over Gülen moeten leveren, meent hij.

Leuk geprobeerd. Erdogan vergat er alleen bij te vertellen dat hij in die jaren het braafste jongetje in de klas was waar het gehoorzaamheid aan Washington betrof. Onder die omstandigheden zal het geen moment bij hem zijn opgekomen om wat voor bewijzen dan ook van de VS te eisen.

Evenmin was Erdogan destijds lastig ten aanzien van de gammele bewijzen die de VS over massavernietigingswapens in Irak pretendeerden te hebben. In tegenstelling tot een meerderheid binnen de AKP-fractie (die later van het toneel verdwenen) pleitte hij glashard voor Turkse deelname aan de Irak-oorlog aan Amerikaanse zijde.

Voor die loyaliteit kreeg Erdogan zeker iets terug. Zo steunden de VS hem – en Gülen – bij het verdrijven van seculiere-nationalisten uit de Turkse staat (waar de Amerikanen nu waarschijnlijk heel erg veel spijt van hebben).

Green Card

Veertien jaar later blazen Erdogans mediajongens hoog van de toren over een samenwerking tussen Gülen en de CIA. Moet wel, want zonder die connectie blijft er weinig over van Erdogans these over de ‘superieure geest.’

Zoals ik in een op 27 juli verschenen artikel schreef, acht ik het bewezen dat er een bepaalde verstandhouding heeft bestaan tussen Gülen en de CIA. Ik schreef daarbij onder andere dat Gülen steun vond bij drie oudgedienden uit het Amerikaanse inlichtingenwezen toen hij in 2008 tegen een probleem aanliep met zijn Green Card in de VS. Zij behoorden tot een groep van 26 Amerikanen die brieven aan de Amerikaanse autoriteiten schreven in het voordeel van Gülen.

Rodrik

Over de betekenis van dat laatste zijn de meningen verdeeld. Voor AKP-medestanders bewijst het een verband tussen Gülen en de CIA. De in Turkije geboren, doch in de VS woonachtige econoom en publicist Dani Rodrik denkt daar anders over. Hij bagatelliseert het belang van die brieven bij de beslissing van de rechter om Gülen zijn Green Card te laten houden.

Wie denkt dat Rodrik met Gülen sympathiseert heeft het mis. Sinds zijn schoonvader, de voormalig generaal Cetin Dogan, door Gülens aanklager werd vervolgd tijdens de Balyoz-procedure, staat hij bekend als een van de meest uitgesproken tegenstanders van de imam en diens beweging.

Rodrik heeft in ieder geval een punt, waar ik zelf nog aan toe voeg dat het twijfelachtig is of Gülen sowieso in de problemen was gekomen met zijn Green Card als hij volledige bescherming van de CIA had genoten. Bovendien, als de CIA hem te hulp wilde schieten had men daartoe in Langley, Virginia over meer efficiënte en heimelijke middelen beschikt dan het schrijven van brieven.

Fuller

Een van de oudgedienden van de CIA die Gülen hielpen door een brief aan de Amerikaanse autoriteiten te schrijven was Graham Fuller. Een beruchte naam. Tijdens de bezetting van Afghanistan door de Sovjet Unie was hij station chief van de CIA in Kabul. Destijds was hij de drijvende kracht achter de samenwerking van de VS met de Moedjahedien – waar later de Taliban en al-Qaeda uit voort zouden komen – tegen de Sovjets.

Fuller werd recentelijk genoemd in AKP-kranten. Omdat hij op de avond van de couppoging van 15 juli tot een gezelschap behoorde dat in een hotel op het nabij Istanbul gelegen eiland Büyükada bijeenkwam. Tot de aanwezigen behoorde daarnaast ook Henri Barkey, een Midden-Oostenspecialist van het Woodrow Wilson Center. Barkey was evenals Fuller in het verleden aan de CIA verbonden en heeft zich bovendien positief uitgelaten over Gülen.

Akgün

Tel dit bij elkaar op en het kon niet uitblijven dat AKP-gezinde journalisten een verband legden met de couppoging. De voor de krant Karar schrijvende Mensur Akgün, was zelf bij de bijeenkomst op Büyükada aanwezig en maakte gehakt van dit verhaal.

In een verklaring legde Akgün, die nota bene aan de kant van de AKP staat, uit dat de bijeenkomst niets met Turkije te maken had, maar was belegd rond het feit dat een jaar geleden de nucleaire deal met Iran werd gesloten. Akgün voegde daaraan toe dat de bijeenkomst door ontwikkelingen in Turkije diverse keren werd uitgesteld en dat het samenvallen met de couppoging puur toeval was.

Verder verklaarde Akgün dat Barkey door regeringsvertegenwoordigers was uitgenodigd en niet zoals AKP-kranten schreven op de avond van de couppoging naar Griekenland vluchtte. In plaats daarvan zou Barkey Turkije pas op 19 juli hebben verlaten.

Centraal Azië

Nochtans blijft er veel voor te zeggen dat er is samengewerkt tussen Gülen en de CIA. De hardste aanwijzingen gaan over scholen die de Gülen-beweging gedurende de jaren negentig in Centraal-Aziatische landen vestigde. Verschillende verklaringen van voormalige volgelingen van Gülen, zoals Nurettin Veren, bevestigen dit.

Volgens de voormalige Turkse inlichtingenchef Osman Nuri Gündes werden CIA-agenten onder de dekmantel van ‘leraar Engels’ op Gülens scholen in Centraal Azië gestationeerd.

De gemeenschappelijke belangen tussen de CIA en de Gülen-beweging in Centraal Azië gedurende de jaren negentig gingen zo ver dat een samenwerking nagenoeg vanzelfsprekend was. Maar dan hebben we het over nog een decennium eerder dan de Green Card-kwestie. Er kan in de tussenliggende tijd veel gebeurd zijn. Zoals ik eerder al schreef kan het verleden het heden niet bewijzen.

Verder zullen de AKP en haar medestanders de terughoudende opstelling van de VS om in te gaan op het Turkse verzoek om uitlevering van Gülen begrijpen als een Amerikaanse onderneming om de imam te beschermen. Maar is het dat noodzakelijkerwijs?

Gênant

Er zijn andere redenen denkbaar waarom Washington liever wil voorkomen dat Gülen in Turkije aan de tand wordt gevoeld. Om maar een dwarsstraat te noemen: hij zou dan uit de biecht kunnen klappen over de reden waarom de VS het in 1996 nodig vonden om hun ambassadeur naar huis te halen nadat de praktijken van de diepe staat op straat kwamen te liggen in het plaatsje Susurluk. Grote kans dat Gülen daar veel van weet, met kennissen die hij er destijds op nahield als voormalig gendarmegeneraal Veli Kücük. Voor de VS kan dat ook twintig jaar later nog gênant worden wanneer hij daarover praat.

Het is overigens even waarschijnlijk dat Erdogan eveneens op de hoogte is van feiten in dit verband. Via zijn propagandist Sedat Peker bijvoorbeeld, die evenals Kücük tot over zijn nek in de smerige zaakjes van de diepe staat betrokken was.

Goeie vraag overigens waarom Erdogan dergelijke informatie nu niet in stelling laat brengen tegen de VS door zijn mediavrienden…

Volg Peter Edel op Twitter

Peter Edel is schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (2012, Uitgeverij EPO, Antwerpen)

Reacties

Reacties

Geef een reactie