DELEN

Jan Roos veegt de vloer aan met de haatcolumniste van het Algemeen Dagblad én met haar hoofdredacteur.

Wat is het een zegen voor ons land dat een man als Jan Roos zich niet uit het veld heeft laten slaan door de verkiezingsnederlaag van zijn partij VNL! Nee, hij slaagde er inderdaad niet in om een zetel te bemachtigen, maar dat weten nou wel. De afgelopen weken heeft hij namelijk bewezen dat hij zich ook op een heel andere manier nuttig kan maken voor Nederland: door ongemakkelijke feiten en waarheden te benoemen.

Case in point: zijn vlog over AD-columniste Hanina Ajarai en haar hoofdredacteur Hans Nijenhuis. Zoals iedereen ongetwijfeld al weet schreef Hanina onlangs een column waarin ze vol trots vertelde dat ze totaal geen verdriet kon voelen om de slachtoffers van vlucht MH17. Jawel, er waren 298 mensen gestorven, waarvan bijna 200 Nederlanders, maar dat kon haar eigenlijk niet boeien.

Het enige waar ze zich wel druk om kon maken? De trieste affaire rond Nouri, de voetballer van Ajax die hartproblemen kreeg tijdens een voetbalwedstrijd. Dat is natuurlijk ook vreselijk, maar het zegt alles over Hanina dat ze wel met Nouri kan sympathiseren, maar niet met (vooral autochtone) Nederlandse slachtoffers van een vreselijke aanslag op een vliegtuig.

Mevrouw voelt gewoon geen band met ons land.

In zijn vlog voor LaVieJanRoos.nl gaat DDS-columnist Jan Roos dan ook terecht los op deze dame én op haar werkgever:

“Deze dame,” zegt Jan volkomen terecht, “weet elke week weer te verbazen met haar slecht geschreven, infantiele overpeinzingen, maar wist het deze keer helemaal bont te maken door te melden dat ze geen minuut heeft wakker gelegen van de 298 doden […] bij de MH17-aanslag.”

Vervolgens citeert Jan de knettergekke columniste. Dat citaat laat ik maar even liggen omdat ik er kotsmisselijk van word. Zo misselijkmakend is het wat Hanina geschreven heeft.

“Sommige eigen hersenkronkels kunnen je verbazen,” gaat Jan verder, “maar dan hoef je ze natuurlijk nog niet te delen. Als je op het graf van 200 Nederlanders gaat staan en je schouders ophaalt weet je dat er een shitstorm gaat plaatsvinden.” En ja, dat wist mevrouw zelf ook. In haar column merkt ze namelijk al op dat ze verwacht dat ze behoorlijk bekritiseerd zal worden voor haar vuilspuierij. En toch schreef ze het niet alleen op, maar stuurde ze haar wanverhaal ook nog eens op naar de redactie.

“Toen de shitstorm, nadat Nederland massaal in hun eigen mond moest overgeven van het zieke inkijkje in het hoofd onder het doekje,” stelt Jan vervolgens, “inderdaad losbarstte stond er opeens een boterzacht excuus van Ajarai op de site van het AD.”

Ze had het allemaal niet zo bedoeld, ze wilde niemand grieven. Echt niet.

“Even wachten, dus je plaatst een column waarin je ze geen ene drol om Nederlandse doden te geven, je schrijft er alvast zelf bij dat je veel boze en gekwetste reacties verwacht, en als die dan komen bied je je excuses aan omdat je niemand hebt willen kwetsen? Dat noemen wij nou gewoon lulkoek op zolder,” concludeert Jan. “Een reactie uitlokken, en als die reactie komt ‘sorry’ zeggen.”

Later werd ze uitgenodigd bij RTL Summer Night om te kletsen over alle ophef. En daar viel Jan iets op. “Hanina Arajai is een hele domme vrouw gespeend van elke vorm van intelligentie. Ik had medelijden met haar. Het arme schaap weet niet wat ze zichzelf aandoet. Ze is het slachtoffer van de hoofdredactie van het AD. Je geeft nou eenmaal niet een column aan iemand die niet alleen bijzonder slecht schrijft, maar ook alleen maar infantiele bagger weet op te pennen in het grootste dagblad van het land.”

Hans Nijenhuis, de hoofdredacteur, misbruikt haar. Een goed mens zou haar in bescherming nemen, maar Hans gooit haar wekelijks voor de trein.” En dat is natuurlijk waar Jan een bijzonder goed punt heeft. Ja, het is een haatcolumn van een vreselijke columniste die overduidelijk niets met Nederland of het Nederlandse volk heeft, maar als je naar haar kijkt en luistert begrijp je al snel dat deze vrouw zelf helemaal niet in de gaten heeft wat haar woorden kunnen veroorzaken; welk effect ze kunnen hebben. Het is dan aan haar redacteur, en zeker aan haar hoofdredacteur, om haar tegen zichzelf in bescherming te nemen, en ervoor te zorgen dat ze zich niet tot aan haar nek in de problemen kan werken door haar domme gedachtenkronkels te publiceren.

“Nijenhuis is geen hoofdredacteur,” stelt Jan dan ook, “hij is de pooier van achterlijke allochtonen bij zijn krant. Over de rug van deze types hoereert hij hun domheid. Dan ben je geen slimme commerciële man die graag aandacht voor zijn krantje wil, dan ben je gewoon een intens slecht mens.”

Reacties

Reacties

Geef een reactie