DELEN
donorwet

Mijn lijf is geen zak met organen waar de staat in mag grabbelen als het zo uitkomt. Toch dreigt het dat te worden nu uw wetsvoorstel voor orgaandonatie is aangenomen. U forceert een oplossing in een van de gevoeligste onderwerpen die er zijn. Dat werkt bij mij averechts.

Ik twijfelde altijd al, maar had me toch laten registreren als donor. Dat had ik gedaan nadat ik eens iemand ontmoette die vertelde dat hij leefde dankzij een orgaan van een ander. Deze man vertelde uit eigen ervaring over orgaandonatie. Dat maakte zo’n indruk op me dat ik me toen heb laten registreren.

Maar de twijfel bleef. Wat mij vooral verontrust, is het verhaal van mensen die de andere kant van de orgaandonatie hebben meegemaakt. Mensen die hun geliefde hebben verloren, die afscheid hebben moeten nemen van hun partner terwijl het hart nog pompte en het lichaam nog warm was. Ze zagen hun geliefde naar de operatiekamer gaan. Daar, op de operatietafel, stierf hun nog levende, maar hersendode partner op het moment dat de organen werden uitgenomen. Want dat wordt soms verzwegen: je organen doneer je niet na je dood, maar vlak voor je dood.

Afscheid op de operatietafel

Je organen worden uitgenomen als je, na een verkeersongeluk of een hersenbloeding, op de intensive care belandt met een hart en longen die nog werken, maar met hersenen die niets meer doen. Pas op het moment dat de organen worden uitgenomen, overlijdt de patiënt. Wat dat voor de stervende betekent, weten we niet. Wat dat voor de nabestaanden betekent, weten we wel: zij moeten afscheid nemen van hun geliefde terwijl die nog warm is. Ze zijn er niet bij als hun geliefde op de operatietafel sterft.

Reacties

Reacties

Geef een reactie